Frank McComb laat geen enkele kans meer voorbij gaan
Na teleurstellende ervaringen in zijn zangcarrière
INTERVIEW
door: Marloes Jager
Hoewel hij eigenlijk automonteur wilde worden maar zijn handen wilde sparen voor het pianospelen, is Frank McComb regelmatig te horen op de radio en gaf hij acte de présence tijdens het The Hague Jazz Festival en een voorgaande editie van het North Sea Jazz Festival. Toch is er tot nu toe geen sprake van een doorbraak bij het grote publiek.
Maar in de wetenschap dat het de zanger betreft van ‘Another Day’ - een wereldhit die geschreven werd door saxofonist Branford Marsalis voor het album ‘Music Evolution’ (1997) van zijn project Buckshot LeFonque - gaat er wellicht een belletje rinkelen. Nu, veertien jaar later, vertelt de zanger/pianist aan Jazzenzo in het Rotterdamse Parkhotel wat zich heeft afgespeeld na het grote succes van die tijd.
Al lachend loopt McComb in een joggingbroek met een paar sneakers eronder en een baseballpet op het hoofd de lobby in. Naast de koffie die hij bestelt heeft hij een grote limonadefles bij zich met een substantie die lijkt op thee met honing. Al wijzend naar de fles legt McComb uit dat het late naar bed gaan en het reizen niet bevorderlijk zijn voor de conditie van zijn stem.
Na zijn tournee met Buckshot LeFonque tekende McComb bij Columbia Records en in 2000 kwam zijn debuut album ‘Love Stories’ uit. Maar doordat de platenmaatschappij er geen pr voor wilde maken gebeurde er vrijwel niets mee. “Ik voelde me verloren en was de dupe geworden van nare politieke spelletjes. Twee jaar lang lag mijn album daar op de plank en werd er niets mee gedaan. Toen mijn contract afliep hebben ze me gelukkig laten gaan”, vertelt McComb.
MoJazz
Echter, een soortgelijk incident vond eerder plaats in 1995 toen hij voor het label MoJazz, onderdeel van het legendarische Motown, een album opnam dat ook niet werd uitgebracht. Alsof dat nog niet genoeg was deed zich in 2003 tijdens een tournee door Engeland een andere onaangename gebeurtenis voor: “Na een concert in Birmingham vroegen fans of ik mijn album wilde signeren, maar ik kende het hele album niet! Het was getiteld ‘The Motown Sessions’ en de nummers die erop stonden had ik inderdaad opgenomen voor Motown. Maar ze waren niet gemixt of gemasterd en er zat geen artwork bij. Zonder dat ik het wist had iemand mijn muziek uitgebracht. En ik stond machteloos”, aldus McComb.
Zijn reactie hierop was slim en praktisch; hij bracht zelf ‘Put Out The Truth Vol. II’ uit in dezelfde stijl. “Blijkbaar hadden mijn fans er geen moeite mee dat het rauw klonk dus nam ik twaalf van mijn favoriete nummers op en brandde ze zelf op cd. Tijdens mijn eerstvolgende concert vertelde ik aan het publiek wat mij was overkomen en dat ik nu op mijn manier een nieuw album had uitgebracht. Nog diezelfde avond was mijn volledige voorraad zelf gebrande cd-tjes uitverkocht”, vertelt hij enthousiast.
![]()
1. Frank McComb met Terri Lyne Carrington en Herbie Hancock. 2. McComb met Branford Marsalis op The Hague Jazz 2008. 3. McComb, Trijntje Oosterhuis en bassist/producer John Clayton tijdens de opnamen van Oosterhuis' album 'Sundays in New York' in 2010.
Deze methode hanteert McComb nog steeds, al is zijn onlangs uitgebrachte album ‘A New Beginning’ wèl gemixt, gemasterd en voorzien van artwork dat is gemaakt door zijn 16-jarige dochter. De slim-cases hebben heeft hij vervangen door flinterdunne flexibele plastic hoesjes: “Ik reis overal in mijn eentje naar toe en kan dus niet veel bagage meenemen. In een normaal cd-hoesje passen wel drie van deze dingen. En als ik alles heb verkocht, kan mijn vrouw heel voordelig een nieuwe voorraad opsturen.”
Na het aanhoren van zijn verhaal rijst de vraag of er achter die brede glimlach geen flinke lading bitterheid schuilgaat. Want zulke moeilijkheden met twee grote labels en er vervolgens achter komen dat iemand anders geld aan jouw muziek verdient zonder er zelf een cent van te krijgen, moeten toch hard aankomen?
Kappen
“Vroeger kon ik erg emotioneel worden omdat dingen niet gingen zoals ik het wilde. Ik dacht: Mijn muziek verdient beter, ik moet gehoord worden. Totdat ik me realiseerde: kappen met je gezeik, kappen met je gejank: doe er iets aan! Zielig thuis blijven zitten en wachten tot iemand belt is geen optie. In dit leven moet je je eigen verantwoordelijkheid nemen”, verklaart McComb.
In 2003 besloot hij onafhankelijk te worden: “In alle eerlijkheid... Tot nu toe is het een fantastische reis omdat ik aan niemand verantwoording hoef af te leggen. Ik geniet ervan omdat ik de volledige controle heb; ik doe mijn eigen boekingen, produceer en verkoop mijn eigen albums en regel zelf mijn eigen muzikanten. Daarnaast geeft mij dit de gelegenheid goed te luisteren naar wat mijn fans willen en ben ik niet onderhevig aan wat een label van mij wil.”
Zo nam hij op verzoek in 2006 ‘Tribute To The Masters’ op, een solo-pianoalbum waarop hij de door hem geschreven composities opdraagt aan zijn grote jazzhelden als Chick Corea en George Duke.
In 2001 besloot McComb onder een andere naam zijn eigen management te gaan doen. “Ik kwam er achter dat programmeurs en organisatoren liever niet met mij wilden praten, omdat ik de artiest ben. Daarnaast is het prettiger onderhandelen als er een zakelijke afstand is tussen beide partijen”, zo legt McComb uit.
Dit alles gebeurde nadat hij werd gevraagd om in Londen een soloconcert te geven, iets wat hij nog niet eerder had gedaan: “Toen ik het podium opkwam was de zaal afgeladen en ging het publiek volledig uit z’n dak. Dát moment, dat ene moment veranderde mijn hele leven. Vanaf toen wist ik dat ik alles anders moest aanpakken. Weet je, je moet er klaar voor zijn op het moment dat een kans voorbij komt. We zien kansen vaak niet omdat ze zich niet aandienen in de vorm die we verwachten. Vervolgens staren we ons blind op die verwachting en laten alle kansen liggen omdat we ze domweg niet herkennen.”
