‘Ik wist niet dat je jazz kon spelen!’
INTERVIEW
door: Johan Bakker
Cor Bakker: 'Ik heb me nooit willen beperken tot één genre'.
Foto © Stef Nagel.
Cor Bakker is opgeleid tot jazzmusicus maar werd orkestleider in de show van Paul de Leeuw. De pianist ontpopte zich tot zwaargewicht in de lichte muziek en begeleidde artiesten van Lady Gaga en Adele tot Lionell Richie. Toch bracht hij in 2025 met zijn jazztrio maar liefst twee nieuwe albums uit. Een gesprek aan de levendige keukentafel van Cor Bakker.
Als middelbare scholier ging je op bezoek bij Louis van Dijk om hem te laten horen wat je kon. Waar haalde je de moed vandaan?
Ik was al lang een fan van zijn muziek die ik kende van het radioprogramma Muziekmozaïek van Willem Duys. Mijn klasgenoten hadden posters van Linda Ronstadt en Deborah Harry aan de muur, ik van Louis van Dijk. Toen ik een bril moest dragen, koos ik voor een Louis van Dijk-montuur. Ik kom uit een acultureel nest. De enige boeken die we thuis op de plank hadden staan, waren de bijbel en het telefoonboek. Met veel moeite kreeg ik voor elkaar dat mijn vader een piano aanschafte. Als ik daarop ging spelen, draaiden mijn broers de volumeknop van Radio Veronica omhoog. Het was bepaald geen stimulerende omgeving en ik twijfelde aan mijn eigen talent. Een van mijn docenten bleef maar zeggen dat ik naar het conservatorium moest. Toen hij mijn aarzeling zag, stelde hij voor Louis van Dijk te vragen het definitieve oordeel te vellen. Uiteindelijk reden mijn ouders me naar van Dijks woning in Dalfsen en zetten me voor de deur af. Toen ik aanbelde, voelde het voor mij zoals het voor een jongen van nu zou zijn om bij Lionel Messi op bezoek te gaan. Van Dijk zei al na tien minuten: “Jij gaat naar het conservatorium en daarna komen we elkaar wel weer tegen.” Die voorspelling is uitgekomen, we hebben 25 jaar samen gemusiceerd.
Je hebt zijn advies dus opgevolgd. Hoe was het om ineens tussen allemaal muziekliefhebbers te zitten?
Toen ik mij aanmeldde bij het Sweelinck-conservatorium bleek dat ze daar net een lichte muziekafdeling gingen beginnen. Dat lag me beter dan de klassieke richting die Louis van Dijk me had aangeraden. Docenten lieten ons muziek horen van Thelonious Monk, met wie ik minder affiniteit had dan met Oscar Peterson. Charli Green leerde me arrangeren voor een ritmesectie. Op de afdeling lichte muziek kwam overigens ook nog veel klassiek repertoire voorbij. Misha Mengelberg heeft daar tevergeefs zijn best gedaan om mij de werking van het Palestrina contrapunt uit te leggen.
![]()
Albums van Cor Bakker's leermeesters Clare Fischer en Louis van Dijk. Het album 'Elettra Due' van Bakker, met een 'knipoog' naar Fischer.
Hoe leerde je de muziek van Clare Fischer kennen?
Halverwege het conservatorium belandde ik in een mentale dip. Ik luisterde in die periode veel naar Chick Corea en dacht: dat niveau haal ik nooit. Mijn docent Niko Langenhuijsen wees me op een plaat van Clare Fischer en zei dat ik daar eens naar moest gaan luisteren. Thuis draaide ik ‘First Time Out’ (1962) en werd gegrepen door het nummer ‘I Love You’ van Cole Porter. Naast Fischer speelden bassist Gary Peacock en drummer Gene Stone mee. De muziek beroerde mijn hart rechtstreeks, het was een soort herkenning. Alsof Clare Fischer een zielsverwant van me was. Zo wil ik spelen, dacht ik. Zo hoort muziek te klinken.
Nadat je de conservatorium opleiding cum laude afsloot, kon je dankzij een beurs lessen volgen bij Fischer in Los Angeles. Dat moet een behoorlijke cultuurshock zijn geweest, heb je nog opgetreden in jazzclubs aan de westkust?
Ik had me nogal verkeken op de grootte van de stad. De kamer die ik huurde bij een hospita bleek op 125 km afstand te liggen van de woning van Fischer. Hij gaf me om de dag les en bij mijn hospita studeerde ik op een gehuurde piano. Tussendoor stond ik vooral in de file. Van LA heb ik maar weinig gezien.
Wat heb je van Fischer geleerd?
De lessen waren niet gemakkelijk voor me. De lat lag hoog en Fischer was niet snel tevreden. Daardoor deed ik nog meer mijn best en na enige tijd werden we vertrouwelijker. Ik nam de lessen altijd op, maar zodra Fischer persoonlijk werd, moest ik mijn recorder uitzetten. De lessen hebben me blijvend beïnvloed. Fischers muzikale blik is breed en hij voelde precies aan wat ik nodig had. Fischer was een muzikale alleseter, een getalenteerde jazzmusicus die zich niet te goed voelde om samen te werken met popmuzikanten als Prince. Hij leerde me te improviseren alsof je een verhaal vertelt met een lange spanningsboog. Ik ben daar echt aangestoken door het Fischer-virus. Terug in Nederland voelde ik me net een evangelist die de rijke, fijngevoelige en gevarieerde klankwereld van Clare Fischer propageerde. ![]()
Bakker: 'In één dag hadden we voldoende materiaal voor twee albums'.
Foto © Stef Nagel.
Met pianist Bert van den Brink maakte je het aan Fischer opgedragen album ‘DeClared’ (1993). Hoe verliep die samenwerking?
Bert van den Brink en ik bestudeerden het werk van Fischer grondig. Bert hoort heel snel welke akkoorden iemand speelt, dus dat was een hele fijne samenwerking. We selecteerden nummers die we op wilden nemen. Voordat we het als album uit wilden brengen, lieten we onze bewerkingen eerst aan de meester zelf horen. Na afloop bleef Fischer een tijdje stil. Vervolgens zei hij: ‘Jullie zijn de muzikanten die mij het beste begrijpen.’ Een groter compliment kon hij ons niet geven.
Louis van Dijk was een geweldige jazzpianist. Toch werd er in jazzkringen soms schamper over hem gesproken omdat hij zich ook in andere muzikale milieus begaf. In feite geldt voor jou hetzelfde. Veel mensen weten dat je orkestleider bij Paul de Leeuw bent geweest, maar dat je jazzmusicus bent, is minder bekend.
Af en toe speel ik in jazzclubs en het gebeurt me dan nogal eens dat bezoekers me bij binnenkomst wantrouwend bekijken: ‘Wat komt hij hier nou doen?’ Na afloop zeggen diezelfde mensen verbaasd: ‘Ik wist niet dat je jazz kon spelen.’ Kennelijk moet je als jazzmuzikant voldoen aan het cliché van een oude auto, een koude zolderkamer en een leven vol tegenslag. Ik heb me nooit willen beperken tot één genre. En je wordt geen betere pianist in de marges van de maatschappij.
![]()
Het aan Clare Fischer opgedragen album 'DeClared' met Bert van den Brink. Een duo-album met leermeester Louis van Dijk. Cor Bakker zijn nieuwe album 'Momentum 1', waarna ook 'Momentum 2' verscheen.
Vorig jaar bracht je maar liefst twee albums uit met je jazztrio. ‘Momentum 1 en 2’. Naast enkele standards staan daar verschillende eigen composities op. Was 2025 een vruchtbaar jaar voor je?
Niet ver van ons zomerhuis in Italië bevindt zich een uitstekende opnamestudio. Ik had al een tijdje de wens om daar nieuwe stukken op te nemen met bassist Jeroen Vierdag en slagwerker Frits Landesbergen. Ik huurde een Steinway-concertvleugel en zorgde voor de partijen. Misschien kwam het door de omgeving, misschien door de rust, wellicht was het moment goed gekozen, maar we speelden zo geconcentreerd dat we in één dag voldoende materiaal hadden voor twee albums. In de meeste gevallen was de eerste ‘take’ al zo goed dat we het daarbij konden laten.
Een van die stukken, ‘Dijkwacht’, staat in de klassieke top 200. Wat wil je met die titel uitdrukken?
In een melancholieke bui schreef ik een muzikaal eerbetoon aan Louis van Dijk die in 2020 is overleden. Ik miste hem enorm en probeerde zijn manier van musiceren in de compositie te verwerken. Jonge mensen kennen Louis van Dijk niet meer en ik zou wensen dat zijn repertoire bewaard en bewaakt wordt. ‘Dijkwacht’ leek me daarom een gepaste titel voor dit requiem voor Louis.
Waarom geef je je albums in eigen beheer uit?
Na enkele vervelende ervaringen met platenmaatschappijen besloot ik mijn eigen cd’s te maken die ik vaak na afloop van mijn concerten verkoop. Het eerste album dat ik op die manier opnam, was ‘Elettra’ (2010) met gitarist Jesse van Ruller, bassist Clemens van der Feen en drummer Hans van Oosterhout. Het album liep goed en vervolgens brachten we ‘Elettra Due’ (2013) uit. Als je de cover daarvan bekijkt, herken je misschien de knipoog naar ‘First Time Out’ van Clare Fischer.
Hoe maak jij je nieuwe muziek eigen?
Clare Fischer heeft me ooit geleerd dat je ieder stuk in alle toonsoorten moet kunnen spelen. Zo leer je de muziek van binnen en van buiten kennen. Pas als je een compositie in je hoofd en in je hart hebt zitten, kun je improviseren en je eigen stempel erop drukken.
Waar luister je zelf graag naar?
Als puber draaide ik vaak platen van pianist Monty Alexander en daar word ik nog altijd blij van. Ook de Italiaanse pianist Stefano Bolani waardeer ik zeer. Snarky Puppy maakt spannende, meeslepende muziek op een technisch hoog niveau. Maar de artiest die ik op dit moment het meest bewonder is Jacob Collier die vorig jaar op North Sea Jazz ‘artist in residence’ was. Het zien en horen van deze alleskunner uit Londen was voor mij een spirituele ervaring.
Momentum 1.
Momentum 2.
