Exercities van muzikale woudlopers
CONCERTRECENSIE. Harmen Fraanje/Ernst Reijseger/Mola Sylla. Paradox Tilburg, 14 oktober
beeld: Liesbeth Keder
door: Rinus van der Heijden
Twee Nederlanders en een Senegalees. Geen twee, maar drie culturen bijeen gebracht. Zo mag je het merkwaardige trio Fraanje/Reijseger/Molla omschrijven. Cellist Ernst Reijseger en pianist Harmen Fraanje verbinden zich met elkaar door hun achtergronden op het gebied van klassieke- en geïmproviseerde muziek. Maar hun benadering van muziek is zó individueel, dat je gerust mag spreken van ambassadeurs van verschillende culturen.
![]()
Harmen Fraanje, Ernst Reijseger en Mola Sylla brachten drie culturen bijeen in een druk bezocht Paradox.
En Mola Sylla? Die is gewoon zichzelf, wentelt zich althans in zijn Westafrikaanse culturele verworvenheden. Wereldmuziek derhalve? Dat zou je zeggen als je drie culturen gaat mengen. En ja, misschien is het wel wereldmuziek wat het trio brengt. Maar dan niet in de ‘traditionele’ zin, waarbij bijvoorbeeld opgepimpte Afrikaanse muziek wordt vermengd met westerse (pop)invloeden. Bij het trio Fraanje/Reijseger/Sylla worden de toendra’s van geestverrijkende muziek afgetast. Afgegraasd is wellicht een beter woord, omdat elk hoekje van de klankvelden die de drie neerleggen, tot op het laatste grassprietje is onderzocht.
Het concert in Tilburg begon met een duo-exercitie van Ernst Reijseger en Harmen Fraanje. Hun verrichtingen bogen naar de hoek van minimal music, maar ieders aangebrachte accenten trokken de muziek breder. In elk geval naar de hoek waar Mola Sylla stond te trappelen om met percussie-instrumenten en zang daadwerkelijk aandeel te leveren aan het totaalconcept. De m’bira, een Afrikaanse duimpiano zorgde voor aanhoudende, eentonige ritmiek. De xalam, een authentiek Senegalees snaarinstrument dat in de verte iets weg heeft van een banjo, benadrukte die cadans nog meer.
Mola Sylla’s stem is krachtig, fel en in de goede zin van het woord agressief. Hij ‘zingzegt’ er krachtige statements mee. Zoals die ene keer aan de achterkant van de vleugel over het binnenste gebogen, waarbij het leek of hij Harmen Fraanje vermanend toesprak. Deze bleef er uiterst kalm onder; de jarenlange samenwerking met Sylla maakte deze muzikale toevoeging onderdeel van het spel.
![]()
Harmen Fraanje, Ernst Reijseger en Mola Sylla spelen van 19 tot en met 22 oktober in Rusland.
Harmen Fraanje neemt binnen dit trio een bijzondere plaats in. Zijn bewonderenswaardige techniek op piano, die vaak wordt uitgedrukt in razendsnelle notenriedels of lyrische bespiegelingen, zette hij hier anders in. Het was intrigerend om te zien hoe hij met beide handen boven het klavier de juiste seconde afwachtte om met doordachte notenkeuzes zijn aandeel in het triospel te leveren. De ene keer laverend langs de klassieke pianotraditie en even verderop langs de heerlijkheden van improvisatiemuziek, legde hij – vaak - ragfijne fundamenten onder de bijdragen van zijn twee kompanen.
Ernst Reijseger is de extraverte prediker van het instrument cello. Hij strijkt het, plukt het, beklopt het en hanteert het als een te groot uitgevallen gitaar. Binnen het trio bleef de zo bekende karakteristiek van de cello – het bespelen met de strijkstok – vrijwel achterwege. Liever beplukt Reijseger de snaren om er een grotere zeggingskracht aan te ontlokken. Hard aangeslagen grepen, kloppartijen op de snaren als percussieve toevoeging, het drummen met beide handen op de klankkast; het zijn allemaal daden die we kennen van de cellist. In dit trio is het echter Ernst Reijsegers dagelijkse gereedschap om er zijn muzikale boodschap mee te brengen.
Zo zorgen prominent aanwezige cellogeluiden, pianonoten met veel lucht ertussen en Afrikaans gezang voor een begoochelend eindresultaat, waarin de zoetheid van de zorgvuldigst afgewerkte muziek een vrijage aangaat met spanning en sensatie van muzikale woudlopers.
