Simin Tander Kwartet is hechte viereenheid
CONCERTRECENSIE. Simin Tander Kwartet, Porgy en Bess, Terneuzen, 16 september 2011
beeld: Eddy Westveer
door: Mischa Beckers
Voordat Simin Tander met haar kwartet het jazzseizoen van Porgy en Bess afgelopen vrijdag opende, hield bestuursvoorzitter Hans Zuiderbaan een vurig pleidooi voor het behoud van de in nood verkerende jazzclub. Simin Tander ging daar in mee, trots als ze was om op hetzelfde podium te staan als vele jazziconen waaronder één van haar grootste voorbeelden, Betty Carter. “Dit is nog een echte jazzclub, die vind je bijna niet meer”, constateerde ze. En in een dergelijk etablissement, waar het publiek altijd dicht bij de muzikanten staat of zit, komt een optreden als van dit kwartet extra tot zijn recht.
![]()
Simin Tander en haar kwartet opende het nieuwe jazzseizoen van Porgy en Bess in Terneuzen. Met toetsenist Jeroen van Vliet en slagwerker Etienne Nillesen.
Het concert stond in het teken van haar album ‘Wagma’. Al in de openingsstukken droeg Tander de muziek en ontstonden prachtige spanningsbogen. Met veel expressie lardeerde de zangeres haar melodielijnen met wonderlijke klanken. Soms krachtig en vol, dan weer sensueel zuchtend en kirrend of fluisterzingend. De dynamiekverschillen, die ze aanbracht, werden steeds versterkt door pianist Jeroen van Vliet, drummer Etienne Nillesen en Cord Heineking op contrabas. Bedreven en inventief vonden de zangeres en de instrumentalisten en de instrumentalisten onderling interactie. Van Vliet en Heineking vaak bijna letterlijk in dialoog, met veel oogcontact, knikkend en glimlachend. Nillesen, veelal met de ogen dicht, alles in zich opzuigend en zeer alert spelend. In ‘Becoming’, over “de bewegingen die je meemaakt in het leven”, vloeide en golfde het, aangezet door handgeklap en geroffel op de klankkast van de contrabas. Nillesen liet plastic drumstokken veren op de randen van zijn trommels en legde er simpele woodblocks op om een percussief ritme te maken.
In de tweede set ontstond nog wat meer vuur. In ‘Gallery of Remembrance’ bijvoorbeeld. Het middenstuk werd voorzien van steeds minimalere begeleiding waarbij Van Vliet en Heineking een spelletje ‘wie kan het zachtst spelen’ opvoerden – een spel dat ook Nillesen inzette in bijvoorbeeld de overgang naar ‘Becoming’ met een niet alleen zachte maar ook tergend langzame tik op de snaredrum. Maar je voelde de ontlading komen en Van Vliet zette daarvoor vervolgens de toon in een wervelende explosieve improvisatie. Daartegenover stonden gevoelige, lyrische stukken. Het prachtige piano-intro van ‘Shadowprint’ ging diep en Van Vliet liet het dramatisch klinken door de noten die hij koos om van akkoord naar akkoord te lopen. Cord Heineking schreef ‘Mekali’, “het eerste nummer in ons repertoire van een ander bandlid”. Hij leidde het in op bas, legde er meteen zijn ziel en zaligheid in en duwde de noten, zwaar mee-ademend, op de juiste plaats.
![]()
Contrabassist Cord Heineking. Simin Tander Kwartet.
Tander maakt veelvuldig gebruik van het grote scala aan klankmogelijkheden van haar stem. Ze improviseert er moeiteloos mee. Dat leidt tot emotionele, dynamische, verrassende en spannende uitvoeringen, maar maakt ook dat een enkele ‘gewone’ zanglijn - of stem - soms wat vlak lijkt te klinken. Ontegenzeggelijk is dit gezelschap een hechte viereenheid. Tanders stukken en de nummers van anderen die ze koos hebben vaak een heldere structuur en duidelijke melodielijn maar bij de uitvoering wordt heerlijk ‘in het moment’ gespeeld en iedere klank(verandering), hoe subtiel ook, kan een reactie oproepen en leiden tot onder meer een ingenieuze spanningsopbouw.
Zie ook:
- 14-09-11 Voortbestaan Porgy en Bess in gevaar
- 13-09-11 Simin Tander houdt van vrijheid en avontuur (interview)
- 14-04-11 Simin Tander - Wagma (cd-recensie)
