Het veldwerk van het Wolfert Brederode Quartet
CONCERTRECENSIE. Muziekpodium Paradox Tilburg, Wolfert Brederode Quartet, vrijdag 25 januari 2008.
beeld: Marcel Mutsaers
door: Rinus van der Heijden
De wetenschap zou het veldwerk noemen, Wolfert Brederode en zijn kwartet noemen het muziek. Muziek die zich afspeelt in een laboratoriumachtige situatie, waarin de vier elke noot, elk klankbeeld, elk idee onderzoeken om zodoende te komen tot nieuwe opvattingen. En dat allemaal onder de deken van één sleutelwoord: verstilling. Het concert in Tilburg leerde, dat je kunt experimenteren en musiceren tegelijk, dat exact op het moment dat onderzoek plaatsvindt, nieuwe inzichten aan bestaande kunnen worden gekoppeld. Daarmee is niet gezegd dat het Wolfert Brederode Quartet nieuwe muziek brengt, wel dat de vier musici in bestaande concepten grasduinen naar iets nieuws.
Wolfert Brederode, Claudio Puntin en Mats Eilertsen in Paradox - klik op foto
Bedachtzaam en trefzeker werkte het Wolfert Brederode Quartet zich door de stukken van zijn nieuwste cd ‘Currents’ heen. Met klarinet/basklarinet, piano, contrabas en slagwerk kun je wel degelijk verstilde improvisatiemuziek brengen. Pianist/leider Brederode is een man van spaarzame noten. Diep gebogen over het klavier lijkt hij elke nog niet gespeelde noot te overdenken. Dat zijn spelopvatting raakt aan de compositietechniek van Claude Debussy, lijkt bijna op een cliché, maar het is wel de beste omschrijving van hoe hij speelt. En als we dan toch aan het vergelijken zijn: Wolfert Bredero’s daaruit ontstane sferische klanklandschappen komen dichtbij die van collega-pianist Jeroen van Vliet. Even doordacht, even introvert, even bezonken.
Klarinettist/basklarinettist Claudio Puntin blaast zijn instrumenten ook vaak ‘klassiek’ aan, waarbij hij er praktisch steeds voor zorgt, dat melodie en harmonie in de juiste pas lopen. Maar hij kan zijn basklarinet ook laten boeren, gorgelen en met lucht laten goochelen. En zelfs kan hij zijn instrument als schuurpapier laten klinken. Hoe mooi was een duet van Puntin met contrabassist Mats Eilertsen, wringend en uiteindelijk toch op de juiste plaats vallend. Dat de klarinettist zelfs het klotsen van een flesje drinkwater inzette, toont ten overvloede hoe het Wolfert Brederode Quartet omgaat met álle geluiden.
Opvallend was ook het spel van slagwerker Samuel Rohrer. In het begin van het concert kreeg hij de taak een stuk in te zetten. Heel slim, want hoe vaak gebeurt dit zo subtiel als Rohrer deed? Hij schiep de gelegenheid voor de andere drie om op kousenvoeten aan te sluiten. Dat hij daarna met een hand en een stok speelde, tijdens het gehele concert voorkeur bleek te hebben voor brushes – en hun achterkant – en niet schuwde eigenzinnige geluiden voort te toveren, zoals met een stok wrijvend langs de rand van een bekken te gaan, het tekent de juiste plek tussen zijn medemusici. Contrabassist Eilertsen liet zich niet onbetuigd: hij speelde met de strijkstok tussen in plaats van op de snaren, maar liet zijn strijkstok ook knarsen en piepen, om met de linkerhand plukkend terug te keren naar een melodie.
Er is bij het Wolfert Brederode Quartet sprake van vier gedegen musici. De aanwezigheid van een basklarinet is een zegen. Want als het kwartet hem al eens van katoen gaf, dan was er altijd de rustige bezonkenheid van dit instrument, om in terug te zakken. Dat gold niet alleen voor de musici, ook voor het in aandacht gevangen publiek.
- Wolfert Brederode website
