Jack DeJohnette – Special Edition
CD-RECENSIE
Jack DeJohnette – Special Edition
bezetting: David Murray tenorsaxofoon en basklarinet; Arthur Blythe altsaxofoon; Peter Warren contrabas en cello; Chico Freeman tenorsaxofoon, fluit en basklarinet; John Purcell alt- en baritonsaxofoon en fluit; Baikida Carroll trompet; Rufus Reid contrabas en basgitaar; Howard Johnson tuba en baritonsaxofoon; Jack DeJohnette slagwerk, piano, melodica, orgel, percussie, zang, clavinet en toetsen
opgenomen: tussen 1979 en 1984 in New York en Ludwigsburg
release: 2012
label: ECM
tracks: 4-cd
website: www.ecmrecords.nl
door: Rinus van der Heijden
Special Edition was de naam van een groep die slagwerker Jack DeJohnette in 1979 oprichtte en waarmee hij vier albums opnam bij het vermaarde Duitse label ECM. Die plaat kreeg de naam van de groep mee. Nadien zouden er – tot 1984 - nog drie volgen: ‘Tin Can Alley’, ‘Inflation Blues’ en ‘Album Album’. ECM heeft nu het schitterende initiatief genomen de vier platen te bundelen en in een doosje met de titel ‘Special Edition’ opnieuw uit te brengen.
ECM was in de jaren zeventig en tachtig een nogal braaf label. Producer en oprichter Manfred Eicher had weliswaar een grote naam opgebouwd door zijn speciale opnametechnieken, maar de muziek die het Duitse label uitbracht, was de spreekwoordelijke zwarte zwaan die zwom in een vijver, waarin progressie en vrije improvisaties stormpjes veroorzaakten.
Jack DeJohnette kwam desondanks toch bij Manfred Eicher terecht. De Amerikaan had toen al naam gemaakt als een vooruitstrevende slagwerker, die had gespeeld met AACM, John Coltrane, Charles Lloyd, Keith Jarrett, Miles Davis (‘Bitches Brew’!) en Joe Zawinul. DeJohnette was de man die experimenteerde met nieuwe geluiden en die zocht hij in het spectrum tussen New Orleansjazz en de grote swingorkesten, maar ook bij jaren tachtig popmuziek, rhythm & blues en jazzrock. Zijn stijl had zich ontwikkeld tot een hoogstaand niveau van polyritmiek, een specifieke timing, kracht en gratie.
Voor zijn groep Special Edition koos hij zorgvuldig zijn musici. Op de eerste cd van de serie waren dat bijvoorbeeld David Murray en Arthur Blythe in de frontlinie, op de tweede werden die vervangen door Chico Freeman en John Purcell. Jong en oud uit die dagen bij elkaar, ook weer een bewuste keuze van Jack DeJohnette. Zelf zei hij ervan dat de vier albums verhalenvertellende opnamen zijn.
Op de vier cd’s in het witte doosje zijn DeJohnette’s progresieve zoektochten naar nieuwe geluiden duidelijk waar te nemen. Op ‘Album Album’ bijvoorbeeld, waar hij in het nummer ‘New Orleans Strut’ de brassbands uit het begin van de vorige eeuw doet herleven, maar nu met toevoegingen van een drumcomputer, synthesizers en overdubbing.
Jack DeJohnette aanvaardde geen stilistische grenzen. Die had hij bij Miles Davis al achter zich gelaten. Hij dacht altijd in eigentijdse termen en dat doet de nu 70-jarige nog altijd. Wie nu deze 4-cd box in de speler legt, wordt vooral getroffen door de vooruitstevendheid die van de muziek uitgaat. Niet één noot klinkt gedateerd, alle musici zijn volstrekt zichzelf en dat is maar al te goed te horen in álle opnamen.
Daarom is deze ‘Special Edition’-box een hebbeding van de bovenste orde. Voor de verstokte jazzliefhebber, maar ook voor degenen die werk en slagwerkconcept van Jack DeJohnette nog niet kennen.
ECM een nogal braaf label? Als braaf betekent: kwalitatief hoogstaand, integer, fijnzinnig, geraffineerd en avontuurlijk dan klopt deze kwalificatie van Rinus van der Heijden wel. Maar dan is het een uiterst positieve kwalificatie en ik geloof niet dat Rinus het zo bedoelde.
Bert Dobben (E-mail ) - 22-02-’13 13:21
