De Ploctones zijn aanstekelijk, humorvol en avontuurlijk
CONCERTRECENSIE. Ploctones, Porgy en Bess, Terneuzen, 15 april 2010
beeld: Eddy Westveer
door: Mischa Beckers
Het juryrapport van de VPRO/Boy Edgar Prijs bevat een flink aantal superlatieven voor de winnaar van 2010, gitarist Anton Goudsmit. Aanstekelijk, humorvol en avontuurlijk waren daarvan ook van toepassing op zijn band Ploctones, waarmee hij deze avond in de Terneuzense jazzclub Porgy en Bess aantrad.
![]()
De Ploctones denderen voort, zoals in Porgy en Bess in Terneuzen.
Natuurlijk kwamen nummers van de twee uitgebrachte albums voorbij, waaronder ‘Rrrita’, ‘De dorst’ en ‘Boom - petit’, “weer zo’n ritmisch totaalpakketje”, aldus Goudsmit. Maar ook ‘Time remembered’ van (pianist) Bill Evans. Stukken die al geruime tijd op het repertoire van de band staan. Blijft dat wel spannend voor deze veel spelende groep zelf en voor het publiek? Zeker. Ploctones beschikt namelijk over een aantal sterke troeven.
Ten eerste nam het gezelschap de tijd het repertoire te perfectioneren. De composities van debuutalbum ‘Live op het dak!’ (overigens nog niet onder de bandnaam Ploctones uitgebracht) studeerde men strak in. Bij de stukken van opvolger ‘050’ gebeurde dat aanvankelijk on-the-spot, onder meer tijdens de soundcheck. Om aan bepaalde aspecten van de muziek beter aandacht te besteden betrok Ploctones een ouderwetse oefenruimte “net als vroeger, zo’n stinkend hol”.
Dat past helemaal in het concept dat Goudsmit heeft van de Ploctones: een echt bandje. Dat is verweven met zijn helemaal uitgecomponeerde stukken: ritmische ideeën levert hij aan als tokkelpatronen, de melodische partijen schrijft hij eerst helemaal uit et cetera. Live ontstond zo een nog grotere vrijheid om variatie aan te brengen in de uitvoering van bestaande nummers: duidelijkere accenten, andere ritmiek of delen, vaak aan het eind van een stuk, die nog funkier, soms keihard op de tel, gebracht worden. Ook is er continu oog voor dynamiek.
Daarnaast leggen ze gezamenlijk en individueel de lat hoog en reageren constant alert op elkaar. Dit is een hechte viereenheid. Op het toch al niet zo grote podium van Porgy en Bess kropen ze regelmatig dicht naar elkaar. Toen bassist Jeroen Vierdag er geconcentreerd, met diepe frons, een gepassioneerde solo uitperste, stonden saxofonist Efraïm Trujillo en Goudsmit hem op een halve meter afstand bijna letterlijk aan te moedigen. Zo ontstond ook een prachtige spanningsboog in het nummer ‘050’. Goudsmit ontleedde de akkoorden en melodie eerst op laag volume tot op het bot. Vervolgens zocht hij met Trujillo synergie. Geleidelijk aan versterkten en vervlochten ze, bulderend, hun lijnen.
![]()
Slagwerker Martijn Vink, bassist Jeroen Vierdag, gitarist Anton Goudsmit en saxofonist Efraïm Trujillo.
Tenslotte is er de humor. Subtiel, zoals bij de speldenprikken die drummer Martijn Vink soms uitdeelt. Of meer direct, bij de aankondigingen van Goudsmit en zijn kenmerkende mimiek. Van ‘The pig’s eye popsuckle’, al heel vaak gespeeld, is inmiddels de verrassing bekend: het fluisterende funky blueslickje, dat hoegenaamd vanuit het niets uitbarst in een krijsende solo op orkaanniveau. Maar Goudsmit is met een arsenaal schijnbewegingen elke keer weer in staat toch de spanning op te bouwen en de uitbarsting uit te stellen. Op het moment dat het publiek helemaal het stuk ingezogen is knalt die er pas uit.
Zo’n twintig optredens stonden er nog op de agenda van Ploctones op het moment dat de Boy Edgar Prijs aan Goudsmit werd toegekend. Prompt kwamen er zeker vijftig bij, als gevolg van de bij de prijs behorende tournee. Voor Goudsmit viel dat prima op zijn plaats. Bij circa tien optredens van de aankomende tournee worden opnames gemaakt voor een live-album dat in het najaar uitkomt. Daarop verschijnt ongetwijfeld ook nieuw materiaal dat hij momenteel componeert voor Ploctones.
Van één zo’n stuk kreeg het publiek een voorproefje. “We hebben Anton gesommeerd om met nieuwe ideeën te komen. Die breken we vervolgens helemaal af, voor we er mee verder gaan. Ja, het zijn wel Antons nummers, maar we bemoeien ons er flink tegenaan”, zei Trujillo al eens. Dat beaamde Goudsmit in Porgy en Bess. Hij kondigde het nummer, dat een ingetogen en melodische uitvoering kende, dan ook aan met de werktitel ‘Ben benieuwd’, naar de standaardreactie van de bandleden op zijn nieuwe ideeën.
