Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Mixen

COLUMN
door: Jan Bol

Voortbordurend op het mijns inziens twijfelachtige theaterverschijnsel Jazz Impuls, met zijn met groeicijfers onderbouwd succes, kun je stellen dat: alleen de festivalmix à la North Sea Jazz Festival (NSJF)  de niet-geboren-jazzliefhebbers lijkt te kunnen bekoren. De laatste maanden kwamen gesprekken met mensen vaak uit op muziekvoorkeuren. Kwam het woord jazz ter tafel, dan refereerde nagenoeg iedereen die een beetje meer muziek beluistert dan alleen de top zoveel, aan het NSJF. Sterker nog, bijna 100 % van die muziekluisteraars bleek minstens één keer op het festival geweest te zijn. Sommigen zelfs meer dan één dag in zo’n weekeinde. Opvallende score is dat!

Typisch is vervolgens dat de overgrote meerderheid naar acts gaat die puriteinen doorgaans classificeren als pop of op zijn best cross over. Zeg maar, naar de acts waarvoor vreemd genoeg NPS Jazz en Hans Mantel de voorkeur hebben. Het spijtige daarván is op deze plaats al eens betoogd.

Een enkeling kun je nog eens verleiden tot iets meer proeven dan hetgeen ze ‘toen’ gezien hebben. Een artiest als Miles Davis kan bijvoorbeeld bij de oudere festivalgangers die hem nog, op de rug gezien, mochten meemaken, aanleiding geven wat van het beroemde kwintet met Wayne Shorter te laten horen, of nog makkelijker: Kind of Blue. Dat laten proeven geeft sporadisch vitaminen om meer te gaan ontdekken. Kijk, weer een zieltje gered voor het vagevuur. Zendingswerk gaat 24/24 en 7/7 door.

Toen Paul Acket zaliger in 1976 met de eerste editie van zijn NSJF kwam in het Congresgebouw in Den Haag (wat een toplocatie vergeleken bij het aftandse Ahoy), was er al meteen kritiek op zijn sandwichformule. Hij schakelde natuurlijk het popcircuit en de parajazz in, omdat zijn roots ook voor een groot deel in die sector lagen, zeker sinds de jaren zestig. Maar toch, het was vooral ook mikken op een breed festivalpubliek, dat door van act naar act te wandelen soms hier en daar een graantje mee pikte. Dus niet alleen neerzijgen in een theaterzaal met pluche. Ja, dat kon in de PWA-zaal tegen extra betaling. Maar daar kwamen slechts de saaie, salonfähige acts. Het avontuur beleefde je in de kelder, of op het dakterras of in de massa van de Statenhal.

Dat de programmering van het NSJF niet alle jaren naar je zin is, soit. De laatste jaren had ik moeiteloos twee van de drie dagen met heel aangename jazz kunnen vullen. Als ik zín had gehad om te gaan. Áls, want die sport- en expohallen van Ahoy worden nooit de juiste ambiance, ook al beweert de organisatie dat het publiek moeiteloos meeverhuisd is van Den Haag naar Rotterdam. Is jazz in een duffe theaterzaal zoals Jazz Impuls die brengt, misschien nog een aardig compromis.


© Jazzenzo 2010