Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Toots Thielemans zorgt voor uitverkocht Jazz Middelheim 2007

JAZZ MIDDELHEIM 2007, park Den Brandt, Antwerpen, 16 en 17 augustus 2007
beeld: Jos L. Knaepen
door: Rinus van der Heijden

Al werd hij al in april 85 jaar, het festival Jazz Middelheim vond het zeker niet te laat de jarige Jean ‘Toots’ Thielemans in het zonnetje te zetten. Het festival deed dat op vrijdagavond onder de noemer ‘Toots’ Birthday Party’. Een uitzinnig publiek vierde het uitbundig mee, want Toots Thielemans is voor Belgische jazzliefhebbers, wat Eddy Merckx is voor hun wielerminnende landgenoten


Misha Mengelberg, Toots Thielemans en Lee Konitz op Jazz Middelheim 2007 - klik op foto

Toots was in goeden doen. Voor het begin van het concert, bij de minutenlange ovationele begroeting door het publiek, meldde hij dat hij ‘ontroerd’ was. Maar toen was het hoog tijd  om te spelen en weinig te zeggen. Later in het concert kwamen de anecdotes. Hoe hij in 1942 middels een plaat van Louis Armstrong met The Mills Brothers in aanraking kwam met jazz. “En al heb ik tijdens mijn leven maar 28 minuten met Lowieke gespeeld, hij is altijd mijn grootste favoriet gebleven”, lachte de Belgische jazzmusicus nummer een. Waarop hij Armstrongs ‘What A Wonderful World’ inzette.

Toots Thielemans had zichzelf een cadeautje gegeven door zijn oude vakbroeder Lee Konitz uit te nodigen. Deze was toch in Antwerpen, want een dag eerder speelde hij op Middelheim met het Brussels Jazz Orchestra. Voordat Toots de 80-jarige altsaxofonist op het podium nodigde, vertelde hij hoe hij hem 55 jaar geleden had leren kennen: in de bus van bandleider George Shearing op weg naar de legendarische jazzclub Birdland in New York. “Lee vroeg me of ik uit Europa kwam. Waarop hij zei: ‘Ik ken wat Duits’: ‘Wie motherfucker geht’s?”

Uitverkocht
De 4500 aanwezigen vonden het prachtig. Toots Thielemans was er in zijn eentje verantwoordelijk voor, dat Jazz Middelheim voor het eerst in zijn geschiedenis was uitverkocht. En Toots’ muziek? De concerttent smachtte, zeker nadat de mondharmonicaspeler ‘The Days Of Wine And Roses’ had ingezet; eveneens bij een prachtig nieuw arrangement van ‘Summertime’ en zeker ook bij ‘The Girl From Ipanema’ met slagwerker Hans van Oosterhout in de hoofdrol. In Toots Thielemans’ spel is nog niet echt te horen, dat hij 85 jaar is, wel in de keuze van zijn repertoire. Dat voltrok zich in slow- en mediumstukken. Want pure snelheid komt de oude meester inmiddels wel tekort.

Le Monde de Kôta dat de tweede festivaldag opende, viel tegen. De combinatie van trombone, contrabas, gitaar en mondharmonica is op papier intrigerend, maar wat de vier muzikanten ermee deden was een ander verhaal. Zorgvuldig uitgekozen melodieën monden bij dit kwartet uit in grootse klankstromen, maar die worden zo uitgepluisd, dat de spanning wegvloeit en de mondharmonica met zijn zenuwachtige bespeler, toch wel heel vaak op Toots Thielemans’ benadering gaat lijken.

 
Mâäk’s Spirit, Le Monde de Kôta en Dorona Alberti (Briskey Big Band) - klik op foto

Mâäk’s Spirit is een exponent van volledig vrije improvisatie. De groep doet dat gedegen en is op haar sterkst als zij opstoomt naar een collectief sterk totaalgeluid. Het knappe van de formatie is dat zij zo’n hoogtepunt heel lang kan vasthouden. Deze exploitanten van geluid hadden de Nederlandse oervader van de vrije improvisatiemuziek, Misha Mengelberg,  uitgenodigd. Dat hadden ze beter niet kunnen doen. Want het zou eindelijk eens gedaan moeten zijn met de fratsen van de doorknede pianist. We hebben het nu wel gehad met een man die onderuit gezakt op de pianokruk hangt, soms niet speelt, dan een hand achteloos op het klavier laat vallen of als een stoorzender door de muziek walst. Jazeker, dat is de grote kracht van Mengelberg, dat deconstructivisme. Daarvoor wordt-ie uitgenodigd. Maar Mäâk’s Spirit maakte heel wat meer indruk toen leider en trompettist Laurent Blondiau twee instrumenten tegelijk bespeelde. Dat moet verder uitgebuit worden, daar kun je nieuwe wegen mee inslaan. Laat Mengelberg dan maar rotzooien in zijn eigen hofje.

Lee Konitz
Een van de toppers van Jazz Middelheim 2007 was natuurlijk Lee Konitz. Hij speelde als gast bij het Brussels Jazz Orchestra. Over dit prachtige orkest hoeft weinig meer gezegd. Kwaliteit stulpte ook nu weer uit alle poriën van de groep. Er werden uitsluitend stukken van Konitz gespeeld, die in een aantal ervan participeerde. Konitz is inmiddels 80 jaar, maar zijn toon klinkt als vanouds. Soms wat dun, soms omfloerst, maar altijd met duidelijke zeggingskracht.

De derde festivaldag kende een prachtige opening met het concert van de Briskey Big Band. Centraal stond Isolde Lasoen, die haar slagwerk en vibrafoon midden op het podium, voor de andere bandleden had staan. Met haar speelde ook een percussionist mee en dan weet je wel hoe laat het is. Ritmes stonden centraal in een concert dat eigentijdse dancejazz propageerde, maar tegelijk middenin de traditie van de grote swingorkesten uit de jazz stond. Met prachtige filmbeelden op de achtergrond en zangeres Dorona Alberti aan het front, werd met haar galmende stem en steeds maar weer die bonkende beat een van de beste concerten van het festival weggezet.

Doorstomen
Buscemi zorgde voor een ander verhaal. Ook hier dansende, doorstromende jazz. Een dj met zware grooves en aanzetten leidde de club. Live speelden trompet, elektrische bas, trombone, tenorsax en slagwerk daaroverheen. Soms dook zangeres Viviani Godoy deze heksenketel in. Desondanks mondde het concert door het beperkte concept uit in eenduidigheid.


© Jazzenzo 2010