Supersilent creƫert bibliotheek aan geluiden CONCERTRECENSIE. Paradox Tilburg, Supersilent, 17 september 2007
beeld: Marcel Mutsaers
door: Erno Elsinga
Wie zoekt naar melodie in de muziek van Supersilent dient flink zijn best te doen. De Noorse supergroep rond wondertrompettist Arve Henriksen grossiert in geïmproviseerde, voornamelijk elektronisch aangestuurde geluidswallen gebaseerd op indringende ritmische patronen. Het creëren van sound, een geluid en niet meer dan dat, is het uitgangspunt van deze op zijn minst excentriek te noemen muziek.
Ståle Storløkken, Helge Sten en Arve Henriksen afgelopen maandag in de Paradox - klik op foto
De roem van Arve Henriksen reikt alsmaar verder. De trompettist, drummer en zanger bracht begin dit jaar zijn derde album uit, figureert in de ensembles van Christian Wallumrød en Trygve Seim en in dat van Supersilent dat deze maand een nieuw album het licht laat zien. Henriksen was onder meer betrokken bij projecten van David Sylvian, die met de ambient popgroep ‘Japan’ in de jaren zeventig opzien baarde.
Supersilent opereert volledig vanuit de improvisatie. ‘No-mans-land-music’ noemen ze het zelf; muzikale schetsen die balanceren tussen freejazz, elektronica, ambient en hedendaagse compositie. In werkelijkheid bestaat de muziek van de Noren uit minimalistische miniaturen, samengesmeed tot een suite van geluiden; uiteenlopend van brallende sirenes tot sferische kerkmuziek badend in een niet aflatende stroom van uitdagende ritmen die het publiek langs alle kanten bespringt. De groep creëert stiltes die aanzwellen tot explosief, bombastisch, primitief geweld. Transparant weliswaar, te danken aan het unieke en hechte groepsgeluid waarvoor de groep geroemd wordt.
Henriksen speelt een prominente rol binnen de improvisatiegroep. Op trompet, drums en zang geeft hij richting aan het welhaast telepathisch communicerende gezelschap. Jarle Vespestad (Farmers Market, Tord Gustavsen Trio) drums, Ståle Storløkken toetsen en Helge Sten, producer en sound, volgen, dagen uit en zoeken de grenzen van het absurde. Dat was vaak boeiend, zo nu en dan eenzijdig. De taak van de luisteraar was bovendien niet gering. Het vergde opperste inspanning om in de welluidende harmonie en ritmen de melodie te vinden die feitelijk overal aanwezig was. De muzikale hersenspinsels van Supersilent gingen soms over wat er niet was, om duidelijk te maken wat er wel was.
© Jazzenzo 2010