Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Jazz Middelheim 2008 laat Requiem voor Deze Tijd schrijven

CONCERTRECENSIE, Jazz Middelheim 2008, Antwerpen, 14, 15, 17 augustus
beeld: Bruno Bollaert (VRT)
door: Rinus van der Heijden

Jazz Middelheim 2008 was het festival dat een blik wierp op de toekomst van de jazz. Maar zoals het een goed initiatief betaamt: ook het verleden in herinnering riep. In de concertpraktijk van de afgelopen dagen sloegen Amerikaanse duivelskunstenaars een huiveringwekkende brug tussen toen en nu.



Wynton Marsalis, Roscoe Mitchell en Pharoah Sanders op Jazz Middelheim 2008

Tijdens en na het concert van het trio Muhal Richard Abrams, George Lewis en Roscoe Mitchell dienden zich onafwendbaar twee vragen aan: kun je in de hedendaagse muziekpraktijk nog spreken van avant-garde? Zo nee, wanneer eindigde het tijdperk van de avant-garde dan?

Abrams/Lewis/Mitchell
Het ene kamp zegt dat in eigentijdse muziek geen element meer kan zitten van avant-garde; alles is immers al gedaan en uitgevonden. De zoektocht naar vernieuwing zou zich – als we spreken over jazz – in de jaren zestig zelf de das hebben omgedaan. Free jazz was de laatste stap die gezet moest worden. Dat zou het antwoord zijn op vraag twee.

Vraag één werd muzikaal beantwoord op Jazz Middelheim 2008 door pianist Muhal Richard Abrams, alt- en sopraansaxofonist Roscoe Mitchell en trombonist en computerspecialist George Lewis. Avant-garde bestaat nog altijd. Het bepaalt de muziek van deze drie musici nog evenzeer als in de jaren zestig en zeventig, toen de eerste twee met hun revolutionaire beweging Association for the Advancement of Creative Musicians (AACM) vanuit Chicago de wereld nooit meer dezelfde zouden laten zijn. Oud geworden, maar zonder ook maar een krimp te geven, lieten zij op de slotavond van Jazz Middelheim horen, dat zonder harmonie, ritme, structuur, zomaar vanuit het niets, muziek andere verschijningsvormen kan krijgen. Dat bewijs kreeg overdonderend gestalte.


Het trio Muhal Richard Abrams, Roscoe Mitchell, George Lewis werd door velen als het hoogtepunt van Jazz Middelheim 2008 beschouwd

Rietblazer Roscoe Mitchell beheerst het aspect circular breathing (ademhalingstechniek waardoor een blazer onafgebroken kan spelen) als geen ander. Moest ook wel, want circular breathing was een wezenlijk onderdeel van het groepsconcept. Mitchell’s voortbulkende stroom van keiharde noten was de basis van een geluidswal, die de elektronica van George Lewis neerlegde en bovenop de rand van scherven glas werd voorzien door Muhal Richard Abrams. Het totaalgeluid was meedogenloos voor de oren van het publiek. Ook echter voor de uitvoerders: tegen de angstaanjagende elektronische orkaan van Lewis moest Mitchell opklimmen, wetend dat erachter muzikale doodsbedreigingen van Abrams scholen.

Daarmee schreven deze musici in Antwerpen een huiveringwekkend Requiem voor Deze Tijd. Niet andersom. Zij toonden aan dat de AACM zich veertig jaar geleden weliswaar inzette voor de onderdrukte positie van de zwarte mens in de Verenigde Staten, maar dat de strijd nog altijd voortduurt. Het is niet denkbeeldig dat dit trio in Antwerpen zijn woede kwam uiten voor het onrecht dat de zwarte man in Amerika nog altijd wordt aangedaan. Want was hun orkaan niet te vergelijken met Katrina, die drie jaar geleden New Orleans verwoestte? En was toen door het uitblijven van hulp van president G. Bush niet opnieuw de zwarte mens het grootste slachtoffer? De avant-garde in de muziek van Abrams/Lewis/Mitchell zei keihard van wel.

Pharoah Sanders
Het had het hoogtepunt van het jaar kunnen worden, het concert waarmee het Pharoah Sanders Quartet de eerste festivaldag afsloot. Maar kennelijk sloeg ouderdom of desinteresse de imposante pijler die tenorsaxofonist Sanders al bij de eerste noten wegzette, alle grond en hoop onder het concert uit. De 67-jarige Amerikaan beperkte zich tot inzet en afsluiting van elk stuk. De delen ertussen in liet hij aan zijn drie begeleiders over. Waardoor het optreden van het Pharoah Sanders Quartet voornamelijk een onderonsje was van een middelmatig pianotrio.


Het Pharoah Sanders Quartet met bassist Nat Reeves en slagwerker Joe Farnsworth

Het was dubbel jammer dat Pharoah Sanders zich weigerde in te spannen, want wat hij liet horen was van ongeëvenaarde klasse. Zijn toon is nog altijd snoeihard, brutaal, onweerstaanbaar; hij stoeit met kleuren, laat zijn ‘sheets of sound’ tuimelen als zijn het zeepbellen, hij speelt met het grootste gemak multifoon, laat zijn tenorsaxofoon krijsen, huilen, gieren en loeien. En tussendoor ziet hij dan nog kans zich als een van de grootste lyrici van dit instrument te betonen.

Pharoah Sanders is in de jaren zestig groot geworden aan de zijde van John Coltrane. Brutaal gaf de toenmalige twintiger commentaar op de hemelse klanken van zijn leermeester. In Antwerpen dankte Sanders hem daarvoor deze avond: hij speelde voornamelijk Coltrane-composities. Zo begon hij met ‘My Favourite Things’, samengebald in een onwaarschijnlijk muzikaal dichterlijke taal. Zijn allesoverheersende toon op tenorsaxofoon kroop in elk gaatje van de festivaltent. Het publiek ging meteen na de aftrap op de stoelen.

De vreugde duurde twee minuten. Daarna namen contrabas, piano en slagwerk het thema over en herbouwden het keer op keer. Een solo op contrabas en drums klonk aardig, maar niet meer dan dat. Het concert veranderde in dat van een pianotrio, maar Wiliam Henderson,  Nat Reeves en Joe Farnsworth zijn geen McCoy Tyner, Jimmy Garrison en Elvin Jones. Die hadden de aandacht gevangen kunnen houden, Sanders’ begeleiders niet. En toen de oude baas ook nog eens zijn gezicht in de beker van zijn instrument stopte en begon te zingen en nadien met straffe ledematen dansbewegingen ging maken, smeet hijzelf de deur met een klap dicht.

Wynton Marsalis Quintet
Duizenden hadden er naar uitgezien: de aanwezigheid van supertrompettist Wynton Marsalis. En zij kregen waarvoor ze waren gekomen: technisch hoogstaande jazz, waarin weliswaar weinig emotie school, maar waarin geen foute noot was te herkennen. Marsalis is voor veel trompettisten dé standaard geworden en tijdens het slotconcert van Jazz Middelheim 2008 was te horen waarom. In zijn duetten met tenorsaxofonist Walter Blanding jr. was hij het die de punten scoorde, zijn timing en dictie zijn zeldzaam, de keuze voor zijn begeleiders was keurig netjes. Schitterend was contrabassist Carlos Henriquez, weird pianist Dan Nimmer. Twee jonge musici, waarvan de eerste niet alleen qua postuur, maar vooral overheersend in de voetsporen van Charles Mingus trad en de tweede weliswaar uiterlijk leek op Dave Brubeck, maar zich als een eigenzinnige kamergeleerde achter de piano ontpopte.


Het concert van het Wynton Marsalis Quintet (met bassist Carlos Henriquez) kende een gastoptreden van Toots Thielemans

Waar was bij deze goede musici echter de ziel die goede jazz herbergt? Wynton Marsalis heeft zichzelf opgeworpen als de bewaker van de jazztraditie. Hij doet dat met verve, jazeker. Maar het moet toch niet zo zijn, dat hij alle goeds uit de geschiedenis van de jazz heeft verzameld, daar het beste uit heeft gekozen en in het eindresultaat de ziel, soul en spirit heeft weggelaten? Tijdens dit concert was dat wel zo.

Aan het einde nodigde de uiterst vriendelijk ogende Wynton Marsalis een speciale gast uit. Jawel, Toots Thielemans. Hij is immers niet voor niets de peetvader van Jazz Middelheim. Toots werd op een kruk gezet en blies een deuntje met Marsalis en Blanding jr. mee. Wel op een oude mannetjesmanier: met vermeende humor Marsalis op zijn puntjes wijzend. Het was te flauw voor woorden, maar de festivaltent stond op zijn kop. Wat moet er in hemelsnaam van België terechtkomen, als zijn belangrijkste muzikale icoon er niet meer is?

Charles Lloyd Quartet
Een andere oude rot, Charles Lloyd, bracht het er met minder publieksenthousiasme dan Marsalis, maar gelukkig ook minder gelikt van af. Deze tenorsaxofonist en fluitist is nog altijd de improvisator, die schijnbaar achteloos vanuit de vrijheid naar kleurrijke, melodische patronen kan reizen. Soms zijn ze gevat in Latijnsamerikaanse sferen, dan weer in die van dansfeestjes. Lloyd ziet ook kans van ijle, esoterische lijnen de jacht in te zetten op ronkende impro’s. Om zo de cirkel rond te maken. Voor een boeiend concert zijn echter meerdere bouwstenen nodig.


Charles Lloyd met op de achtergrond pianist Jason Moran, Jozef Dumoulin (uit Dré Pallemaerts' Pan Harmonie) en pianist Kenny Werner die optrad met Toots Thielemans

Tegenvallend was het optreden van het Toots Thielemans & Kenny Werner Quartet. Dat lag geheel buiten de schuld van publiekslieveling Thielemans: hij kon vanwege zijn ouderdom niet anders. De 86-jarige mondharmonicaspeler trad pas aan toen het concert een uur oud was. Tot dan had vooral pianist en vriend Kenny Werner van zich doen spreken, met name in een uiteengerafelde versie van ‘I Hear A Rhapsody’. Ook het thema van de Harry Potterfilms ging er in als gesneden koek. Maar bij het aantreden van Toots Thielemans werd pijnlijk duidelijk, dat zijn leeftijd hem nu toch echt parten gaat spelen.

Dré Pallemaerts’ Pan Harmonie
Het project ´Pan Harmonie´ van Dré Pallemaerts liet de slagwerker in een heel andere rol zien. Die van bestuurder van atmosferische muziek, waarin doorzichtigheid en melodische diepgang om de eerste plaats vochten. Met piano, elektrische piano, trompet, tenorsaxofoon, fluit en slagwerk buitte Pallemaerts vooral de klankmogelijkheden van deze instrumenten uit. Zo ontstonden prachtige contrasten: de zuiver twinkelende klanken van de piano, met daar overheen de vervormde elektronica van de tweede pianist bijvoorbeeld. En de trompet en tenorsaxofoon daar unisono, als een klein koor, doorheen. Pallemaerts speelde zelf een bescheiden rol, maar was als vaste waarde o zo aanwezig.

Dat was hij ook bij het concert van het Robin Verheyen International Quartet. Tenorsaxofonist Verheyen is van het bedachtzame type. Hij begon het concert zoals John Coltrane dat ook gedaan zou kunnen hebben: met ingehouden, klimmende notenclusters. Dat boeide nog, maar gaandeweg diende zich de knellende vraag aan: Robin Verheyen is aan de wandel, maar waar gaat de tocht naar toe? De ritmesectie wilde wel, maar Verheyen, met zijn academische benadering en breaks in zijn spel, lijkt teveel een denker in plaats van een doener in zijn opvatting van jazz.

Elisabeth Kontomanou
Verrassend was het optreden van zangeres Elisabeth Kontomanou. Ze bracht vooral werk van haar nieuwe cd ‘Back To My Groove’, maar ook een indrukwekkende uitvoering van Ella Fitzgeralds ‘Everything I Have Is Yours’. Kontomanou’s benadering brengt haar dichtbij haar publiek, schept een innige band, waarin zij met de elasticiteit van haar stem en haar brede kennis van muziek eventuele sceptici aan haar kant krijgt. Als toegift zong zij ‘Summertime’, waarin haar visie op de jazzhistorie in elke noot overtuigend doorklonk.


Zangeres Elisabeth Kontomanou, Het Brussels Jazz Orchestra met David Linx en Robin Verheyen met zijn International Quartet

Als je na Elisabeth Kontomanou de New Cool Collective Big Band krijgt opgediend, moet je even gaan verschuiven op je stoel en diep slikken. Het orkest had drie weken vakantie achter de rug en begon onvermoeid aan een muzikale safari, die vooral danspasjes voorschreef. Zij waren gezet in soms exotische sferen als leider en altsaxofonist Benjamin Herman naar de fluit greep en dan weer in klanken met Arabische lijnen. Zoals gewend speelden percussiebombardementen een grote rol bij deze big band en was gitarist Anton Goudsmit nogal eens de duwende locomotief.

Het Brussels Jazz Orchestra is een big band uit een andere koektrommel. Het trad aan met zanger David Linx. Waar het orkest meent bigbandjazz voor een groot publiek toegankelijk te maken, zonder daarbij zijn eigenzinnige visie daarop ook maar één moment los te laten, trok het zichzelf in een vacuüm met de aanwezigheid van David Linx. Je houdt van zijn stem of niet. Doe je dat niet, dan begint deze enthousiaste vocalist al vanaf de eerste klanken te vervelen. Zijn stemgeluid is aan de hoge kant, eenzijdig en wordt te weinig gekruid met fantasie. Het Brussels Jazz Orchestra, dat een graag geziene gast is op Jazz Middelheim, heeft waarschijnlijk gedacht eens iets anders te moeten brengen. Maar of David Linx de oplossing was, is de grote vraag.

Goede smaak
Jazz Middelheim beleefde de 27e editie. In vier dagen tijds trokken 14.500 belangstellenden naar Park Den Brandt aan de rand van Antwerpen. Liefhebbers, die al lang geleden hebben ontdekt dat Jazz Middelheim een festival is voor mensen met een rustige inborst en vooral met belangstelling voor goede smaak. Ze werden weer op hun wenken bediend. En de nieuwkomers? Zij zijn in vier dagen waarschijnlijk De Nieuwe Liefhebber geworden.


© Jazzenzo 2010