Avishai Cohen Trio – Eternal Child CD-RECENSIE Verandering
Avishai Cohen Trio – Eternal Child
bezetting: Avishai Cohen contrabas; Itay Simhovich piano; Eviatar Slivnik en Jeff Ballard drums
opgenomen: 8 - 12 januari 2026, Studio de Meudon, Frankrijk
uitgebracht: 29 mei 2026
label: Naïve / Believe
aantal stukken: 10
tijdsduur: 52:34
website: avishaicohen.com
door: Jeroen jansen
Weinig bassisten hebben het pianotrio de afgelopen twintig jaar zo nadrukkelijk hun stempel gegeven als Avishai Cohen. Sinds zijn leerjaren bij Chick Corea combineert Cohen melodische eenvoud met ritmische complexiteit, en Midden-Oosterse kleur met de taal van de jazz. Zijn trio's zijn altijd laboratoria geweest voor jong talent. Ook op 'Eternal Child' is dat zo, al is de samenstelling ditmaal grondig veranderd.
De belangrijkste verandering zit achter het drumstel. Roni Kaspi, die jarenlang de motor van het trio was en onder meer op 'Shifting Sands' liet horen hoe een drummer tegelijk kan stuwen en zingen, is vertrokken. Haar plek wordt ingenomen door Eviatar Slivnik, terwijl Jeff Ballard op vier stukken meespeelt. Aan de piano zit Itay Simhovich. Het zijn stuk voor stuk vakmensen, maar het verschil is hoorbaar. Kaspi bracht een onvoorspelbaarheid, een zeker gif, dat het trio net dat beetje gevaar gaf. Dat scherpe randje mis je hier soms.
Spankracht
Dat wil niet zeggen dat het album tam is. Opener 'Simchover', een knipoog naar de nieuwe pianist, zet meteen de toon met de kenmerkende combinatie van een zingende baslijn en ritmische verschuivingen. 'El Bazita', opgedragen aan Cohens partner, is lyrisch en warm. In 'My Blues' toont Cohen dat hij de traditie nog altijd met overtuiging beheerst, en 'Tonight' bouwt rustig op naar een climax waarin het trio als één organisme ademt. Het vuurwerk dat je van Cohen mag verwachten, ontbreekt dus niet. Vooral in de stukken met Jeff Ballard, die Cohen ooit zelf aan Corea voorstelde, krijgt de muziek extra spankracht.
Vertrouwd
'Eternal Child' werd in vijf dagen opgenomen in Studio de Meudon, net buiten Parijs, met Julien Basseres achter de knoppen. Een degelijk album, dat warm en direct aanvoelt, met een bas die precies de ruimte krijgt die hij verdient zonder de piano te overstemmen. Cohen slaat hier geen nieuwe wegen in. Alles klinkt vertrouwd, soms iets te vertrouwd. Het voelt als een overgangsalbum, het geluid van een groep die elkaar nog aan het vinden is. Wie weet wat dit trio na een paar jaar samen spelen kan bereiken; de bouwstenen zijn er in elk geval.
© Jazzenzo 2010