Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

EHBO 4 tet - EHBO

CD-RECENSIE 

EHBO 4 tet - EHBO
bezetting: Ernst Glerum contrabas, Han Bennink drums, Benjamin Herman altsaxofoon, Oscar Jan Hoogland piano
opgenomen: 1 november 2025 Hot House Leiden; 3 en 4 januari 2026 Bimhuis Amsterdam
uitgebracht: september 2026 
aantal stukken: 14
tijdsduur: 45’00
website: icporchestra.com
door: Cyriel Pluimakers



Het EHBO 4tet ontstond op initiatief van Han Bennink in de Roode Bioscoop, al jarenlang een toevluchtsoord voor de geïmproviseerde muziek in Amsterdam. Alle vier de leden van het ensemble ontmoetten elkaar eerder kriskras in allerlei andere settings. Dat ze nu opereren als kwartet is ronduit een meesterzet.

Willem Breuker Prijs
Uiteraard laten de musici bij hun optredens de vrije geest van Misha Mengelberg door de muziek waaien en hun onlangs uitgegeven album ‘EHBO‘ is daar een weergave van. Vermeldenswaard is ook dat pianist Oscar Jan Hoogland onlangs de Willem Breuker Prijs mocht ontvangen, een terechte toekenning want als geen ander belichaamt deze jonge musicus de kracht en eigenheid van de Nederlandse impro-scene. 

Avontuurlijk
Een duet tussen drums en piano opent het album, waarna het overbekende ‘Blue Chopsticks’ van jazzlegende Herbie Nichols volgt. Hoogland draagt zelf een tweetal stukken bij: het compacte ‘Upperclass Underground’ en ‘Krijshaan’ met zijn typische staccato karakter. Opvallend is het uitbundige spel van altsaxofonist Benjamin Herman die zich in deze omgeving buitengewoon op zijn gemak voelt. Sterker nog: waar in zijn eigen formaties allengs een zekere routine en voorspelbaarheid geslopen is, toont hij zich hier van zijn avontuurlijke kant. Knettergek is zijn korte bijdrage ‘pleister’ die overgaat in het kwijlerige ‘Just a Gigolo’, meesterlijk neergezet door de tegendraadse Hoogland.

Schmierende altsaxofoon
Mengelberg mag uiteraard niet aan het menu ontbreken en zijn ‘Kwela P’Kwana’, opgedragen aan de grote Zuid-Afrikaanse saxofonist Dudu Pukwana, leidt tot een speelplezier zonder weerga waarbij contrabassist en slagwerker Bennink met elkaar een stevig muzikaal gesprek aangaan. Bijna naadloos wordt er daarna overgeschakeld naar Duke Ellington’s ballad ‘Azure’, met een heerlijk schmierende altsaxofoon van Herman.

Meesterschap
Drummer Bennik pakt breed uit in ‘verbandtrommel’ en Mengelberg zal vanuit de jazzhemel tevreden toekijken bij de dwarse uitvoering van zijn ‘Hypochristmutfreefuzz’, waarmee hij in 1964 geschiedenis schreef met jazzvernieuwer Eric Dolphy. Herman stapt even in de grote schoenen van zijn voorganger en brengt het er heelhuids vanaf. Thelonious Monk komt om de hoek kijken met zijn compositie ‘Ugly Beauty’, die door het kwartet vakkundig wordt gefileerd en in een andere enigszins mysterieuze gedaante terugkomt. Impro-held Cor Fuhler wordt herdacht in het dissonante ‘Woestijntrol’ waarin de snaren van de vleugel worden bewerkt. Ellington wordt wederom geëerd in ‘Mount Harissa’, met een hoofdrol voor de gloedvolle altsax van Herman. 

Monk zorgt voor het slotakkoord van deze fantastische productie met zijn ‘Hornin’ In’, dat kan rekenen op een woest ritmische aanpak waarbij de jeugdige Hoogland nogmaals zijn meesterschap bewijst. Een geweldig kwartet dat het beste vertegenwoordigt van de Nederlandse geïmproviseerde muziek.



© Jazzenzo 2010