Saxofonist Maarten Hogenhuis vindt Cole Porter opnieuw uit CONCERTRECENSIE. Maarten Hogenhuis Trio: Cole, LantarenVenster, Rotterdam, 22 februari 2026 Herbronning
beeld: Olga Beumer
door: Jeroen Jansen
Afgelopen zondag presenteerde het Maarten Hogenhuis Trio in LantarenVenster het nieuwe album ‘Cole.’, een project waarin de saxofonist zijn langdurige fascinatie voor de muziek van Cole Porter vormgeeft. Het was een bijzonder moment omdat het trio maar liefst zeven jaar niet in deze bezetting samen had gespeeld. Toch klonk vanaf de eerste noot een vanzelfsprekende verbondenheid, een hechte eenheid die niet moest worden hervonden maar als het ware direct werd aangezet, alsof er geen dag was verstreken.
![]()
Het Maarten Hogenhuis Trio presenteerde in LantarenVenster het nieuwe album 'Cole', een eerbetoon aan de muziek van componist en songwriter Cole Porter.
Hogenhuis vertelde dat Porter al jarenlang een belangrijke inspiratiebron voor hem is. De reden daarvoor is verrassend maar helder. Porters melodieën balanceren volgens hem precies op die intrigerende grens tussen mineur en majeur, altijd licht melancholisch, nooit eenduidig vrolijk of droevig. Het zijn harmonische kleuren die hem doen denken aan Thom Yorke van Radiohead en aan de mysterieuze vluchtlijnen van Björk. Daarin herkent hij dezelfde emotionele ambivalentie, dat zoeken naar een soort verhevigde helderheid die nooit volledig oplost. ‘Cole.’ is voor Hogenhuis dan ook een terugkeer naar de basis, maar zeker niet naar iets traditioneels. Het is eerder een herbronning die verder durft te gaan dan conventie, een poging om Porter te begrijpen door hem opnieuw uit te vinden.
Dat werd al direct duidelijk in de opening met ‘Begin the Beguine’. Het trio nam hier uitgebreid de tijd, het tempo ademde en de compositie werd geduldig uitgespreid alsof ze het stuk langzaam in hun handen ronddraaiden om alle facetten te bekijken. Hogenhuis speelde lange vloeiende lijnen, kalm en helder, met een licht schurende melancholie die bovenop de subtiele begeleiding van contrabas en drums glansde. De manier waarop het trio de melodie uitrekte zonder spanning te verliezen was exemplarisch voor de rest van de avond. Hier speelde geen solist plus ritmesectie maar een gelijkwaardig organisme dat in alle richtingen kon bewegen.
![]()
Contrabassist Phil Donkin, drummer Mark Schilders en saxofonist Maarten Hogenhuis.
Extra instrument
Die onderlinge telepathie werd nog scherper hoorbaar in ‘Fast and slow’, een eigen compositie van Hogenhuis. Het trio speelde met dynamiek alsof het een extra instrument was. Ze verschoof in kleine gradaties, soms bijna onmerkbaar, maar telkens met een voelbare impact in de ruimte. De energie pulseerde, trok zich terug, zette opnieuw aan en vond steeds een nieuwe vorm zonder dat iemand het voortouw hoefde te nemen. Het was muziek die niet alleen werd gespeeld maar werd geluisterd, voortdurend en intens.
De laatste keer dat Hogenhuis in LantarenVenster optrad was in een duo met gitarist Jesse van Ruller, een project waarin hij onder meer liet horen hoe hij elektronica soepel en organisch in zijn spel kan integreren. Dat element bleef ook deze avond niet achterwege, al was het uiterst subtiel ingezet. In ‘Bally’ creëerde Hogenhuis een filmisch landschap van klanklagen waarover zijn sax toonde hoe fragiliteit en intensiteit elkaar kunnen versterken. In de toegift ging hij daarin nog een stap verder. De solo die hij daar neerzette was duizelingwekkend in zijn opbouw en gelaagdheid, gedragen door delicate elektronische ondersteuning die het geluid niet modern moest maken maar diepte moest geven.
![]()
Het Maarten Hogenhuis Trio liet horen dat terugkeren naar de basis niet betekent dat je moet herhalen wat al bestaat.
Driestemmige identiteit
Wat deze avond vooral bijzonder maakte was dat de eer aan Porter niet alleen door Hogenhuis werd gebracht. Het hele trio heeft een uitgesproken persoonlijkheid die in deze muziek tot bloei komt. Contrabassist Phil Donkin en drummer Mark Schilders zijn geen begeleiding maar medevertellers, musici die de klassieke structuren van Porter openbreken en er nieuwe betekenis aan geven. Het is die driestemmige identiteit die ‘Cole’ zo overtuigend maakt en dit concert tot een hoogtepunt van expressiviteit en volwassenheid.
Het Maarten Hogenhuis Trio liet horen dat terugkeren naar de basis niet betekent dat je moet herhalen wat al bestaat. In LantarenVenster klonk juist een frisse, nieuwsgierige en emotioneel rijke herinterpretatie van een van de meest geliefde componisten uit het ‘American Songbook’, gebracht door een trio dat na zeven jaar stilstand springlevend blijkt en klaar is om een nieuw hoofdstuk te openen.
© Jazzenzo 2010