Brown vs Brown is duizelingwekkend pretpark zonder plattegrond CONCERTRECENSIE. Brown vs Brown / Neo, OT301, Amsterdam, 18 april 2009
beeld: Elton Eerkens
door: Tim Sprangers
Voor uitdagende elektronische muziek moet je in Amsterdam zijn bij STEIM op de Utrechtsedwarsstaat of het net opgezette SMART Project Space. Boeiende pop, rock en punk op undergroundniveau vind je in café’s als De Nieuwe Anita, Pakhuis Wilhelmina of de OCCII. Voor nieuwe jazzformaties of aardige experimenten ben je in Zaal 100 of de Badcuyp op de juiste plek. Cultureel centrum OT301, de in 1999 gekraakte oude filmacademie op de Overtoom, raakt geprofessionaliseerd en lijkt al de muziekdisciplines samen te brengen. Het Nederlandse Brown vs Brown, met invloeden uit vele muzikale stijlen, is dan ook voor het multidisciplinaire podium gemaakt. Extra dimensie is dat de band niet enkel het avontuur aangaat wat stijlen betreft.
In het donkere zaaltje van OT301 in Amsterdam speelden de Nederlandse band Brown vs Brown - met Jeroen Kimman op gitaar (l) en Viljam Nybacka op bas (m) - en de Italiaanse groep Neo, met gitarist Manlio Maresca (r).
Het vijf jaar geleden geformeerde Brown vs Brown stuurt zijn publiek door een duizelingwekkend pretpark zonder plattegrond. Het kwartet van Dirk Bruinsma (sax, electronica) Jeroen Kimman (gitaar), Viljam Nybacka (basgitaar) en Gerri Jaeger (drums) gaat als een wervelwind langs stijlen, melodieën, ritme’s, geluiden, tijden, plaatsen, stiltes en bombardementen. Vrijwel niets is te voorspellen in hun totaal gefragmenteerde composities. Af en toe dagen de Amsterdammers hun publiek uit om zich met een rauwe funk fysiek te identificeren, om hen later in verstomming achter te laten via een grillige break die leidt naar afwijkende ritmes.
Brown vs Brown improviseert met wiskundige formules. Aantrekkelijk is te zien hoe de vier muzikanten de composities beheersen en elkaars anticipatievermogen verstaan. Hoewel in het donkere zaaltje van OT301 voornamelijk nieuwe composities werden uitgevoerd, waren alle stukken overtuigend. De versnipperde klankvelden vergen veel kennis van de materie, maar zij werden geolied uitgevoerd. Losse funk van Jaeger vond een vervolg met een zoet riedeltje van Kimman terwijl Bruinsma met ondefineerbare klanken via zijn laptop leegtes opvulde. Melodieën ingezet door Bruinsma werden overgepakt door Kimman, maar raakten enkele seconden later volledig versplinterd, terwijl Nybacka ongestoord zijn gesyncopeerde ritme voortzette. Breaks van een seconde of vijf vonden met vurig geweld contradictie in avant-gardistische rockimprovisatie. Het is een heerlijke post-modernistische machine die de kijker dwingt om mee te denken. Mogelijkheden tot stil zitten zijn er niet; meebewegen behoort ook niet tot de opties. De sound van Brown vs Brown is origineel, fris en verdient grote aandacht.
Neo
Na de verbluffende orkaan van Brown vs Brown volgde de geluidsmuur van het bevriende trio Neo. De link met de Italianen ligt in de frasische manier van musiceren. Ook Neo (Carlo Conti; tenorsax, Manlio Maresca; gitaar, Antonio Zitarelli; drums) put uit vele idiomen en brengt deze onvoorspelbaar op hakkende wijze tezamen. De technisch zeer begaafde Maresca, de zwoele jazzklanken van Conti en de pompende, bijna lompe slagen van Zitarelli; het vormde een fijne combinatie. Breaks die tegenstellingen of terrasgewijze climaxen tot gevolg hadden, waren ontelbaar. Grote verschil met Brown vs Brown was het ontbreken van subtiliteit en intelligentie; Neo neigde meer naar raggende bluespunk. Ook lekker.
© Jazzenzo 2010