Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Stranger Than Paranoia komt moeizaam op gang

CONCERTRECENSIE. Opening Stranger Than Paranoia, Paradox Tilburg, 24 december 2012
beeld: Stef Mennens, Gemma Kessels
door: Rinus van der Heijden

Het improvisatiefestival Stranger Than Paranoia heeft na negentien opvoeringen naam gemaakt als een evenement waar alles mogelijk is.  Het is nooit beperkt geweest tot alleen muziek; alle andere kunstvormen zijn er vanaf het begin welkom geweest. Daarom zal niemand vreemd hebben opgekeken dat de festivaleditie 2012 nu opende met muziek én videobeelden.


De twintigste editie van Stranger Than Paranoia werd in Tilburg geopend met 'At The Movies', het Willem Breuker Kollektief en het slagwerkersduo Han Bennink/Ries Doms.

‘At The Movies’ had geluidskunstenaar Peter Hofland deze opening genoemd. Samen met toetsenist Sjaak Swinkels en altsaxofonist Paul van Kemenade liet hij in een ruim een uur durende bonte stoet, beelden voorbij trekken die zich uitstrekten van een soort Puk- en Muktekeningen (uit 1850) tot filmhelden uit de oude doos.

Ja, en daar zaten we dan. Aanvankelijk te kijken naar een sigarettenreclame uit lang vervlogen tijden (’We all smoke’) via paardenrijtuigen en de eerste auto’s naar filmdiva’s als Greta Garbo, Audrey Hepburn en Sophia Loren, aangevuld met portretfoto’s van Clark Gable, Charlie Chaplin en James Dean. Waarbij de vraag steeds sterker werd: en wat nu? Hofland, Van Kemenade en Swinkels die er muzikaal overheen improviseerden, konden de beelden geen enkele meerwaarde geven. Het gevoel naar een goedkope documentaire te kijken met dito muziek, nestelde zich steeds sterker.

Ruimtevaartuig
Nadien kwamen er beelden van de lancering van een ruimtevaartuig en minuten durende, statische beelden van de zee. Hierdoor beklijfden voorstelling en muziek wederom niet. Het werd pas interessant toen het trio teruggreep naar het project ‘Jazz Meets Multimedia’ dat het vorig jaar opvoerde in Paradox. Daarin zat een schitterend fragment opgesloten uit de film ‘La Bête Humaine’ uit 1938, de reis van een stoomtrein naar Le Havre. Plus fragmenten uit het industriële verleden van Tilburg, met draaiende weef- en spinmachines met bijbehorende geluiden. Toen kwam ook de geïmproviseerde live-muziek echt op stoom. Paul van Kemenade  ging zelfs een duel aan met zijn echoënde (muzikale) schaduw.


'At The Movies' met Paul van Kemenade, Peter Hofland en Sjaak Swinkels. Peter Hofland. Han Bennink en Ries Doms.

‘At The Movies’ én het festival werden overigens ingeluid door slagwerker Han Bennink en Paul van Kemenade. De laatste is initiatiefnemer en programmeur van Stranger Than Paranoia en de traditie wil, dat hij op de openingsavond centraal staat. Met Bennink gaf hij zijn 2012-visitekaartje af: grillige antwoorden op even grillige vragen, gesteld door de snaredrum van Han Bennink. Vrije, schreeuwende improvisaties die overgingen in lieftallige lyriek; altsaxofoon en slagwerk toonden in welk walhalla decennialang dolen door de vrije wereld van improvisatiemuziek, kan uitmonden.

Het tweede concert lag in handen van de slagwerkers Ries Doms en Han Bennink. De eerste komt uit de hardcorescène en maakte naam als lid van The Kik; de tweede behoeft geen introductie. Dat verschil manifesteerde zich ook tijdens het 25 minuten durende otpreden: Han Bennink kan alles, Ries Doms keek het zenuwachtig en twijfelend allemaal aan. Het concert stond als  slagwerkontmoeting aangekondigd, gelukkig maar. Want was het een duel geweest, dan had de uitslag bij voorbaat vast gestaan.

In die zin mag zo’n treffen tussen de oude en wat nieuwere garde ook niet worden gezien. Eerder als het verschil dat er is tussen twee volstrekt verschillende muzieksoorten én de uitvoerders ervan. Bennink achter slechts een snaredrum, Doms achter een compleet slagwerk. De eerste ranselde er drie, vier ritmes tegelijk uit, de tweede beperkte zich haast verlegen met een tamelijk monotoon ritme tot een enkele trom.


Het Willem Breuker Kollektief met onder andere pianist Henk de Jonge, baritonsaxofonist Alex Coke, slagwerker Rob Verdurmen, trompettist Andy Altenfelder en contrabassist Arjen Gorter.

Als beiden het tempo opschroefden ging het goed, omdat ze dan tegen elkaar in konden spelen. Maar in de langzamere passages moest Ries Doms uitvogelen wat de volstrekt onberekenbare Bennink ging doen en dat bleek nogal eens een struikelblok. Han Bennink verzaakt immers geen moment. Bijvoorbeeld toen hij zo’n snelle roffels op de metalen rand van zijn snaredrum sloeg, dat het leek alsof het servies uit de keukenkast tuimelde.

Willem Breuker Kollektief
Het slotconcert deed de moeizaam op gang komende festivalstart  snel vergeten. Daarvoor tekende het Willem Breuker Kollektief. Elf musici die een prachtdoorsnee gaven van het topzware oeuvre dat saxofonist/componist/bandleider Breuker na zijn dood in 2010 naliet. Geen leukdoenerige poespas door de bandleden ditmaal, maar muziek die zich uitstrekte van fanfare- en filmklanken, tot doorwrochte bigbandpassages en scherpzinnig uitgevoerde gecomponeerde en geïmproviseerde eigentijdse stukken.

Alle elf de bandleden traden in soli naar voren. Soli waaraan de rest van de gespeelde compositie werd opgehangen, maar ook soli die het onovertroffen vakmanschap van de afzonderlijke bandleden aan het licht bracht. Ronduit indrukwekkend.

Nog twee concerten en dan is het Willem Breuker Kollektief nog slechts herinnering. We zullen er mee moeten leren leven, maar het is wel stranger than paranoia.


© Jazzenzo 2010