Eindelijk krijgt Yuri Honing de VPRO Boy Edgar Prijs VPRO BOY EDGAR PRIJS UITREIKING. Yuri Honing, Bimhuis Amsterdam, 16 mei 2012 Presentatrice Vera Vingerhoeds herinnerde Honing tijdens het podiuminterview terecht aan reacties van zijn naasten: ‘had je die prijs al niet gewonnen dan?’. De schok zat hem tijdens de bekendmaking niet in de onterechte winnaar, maar in de veel te laat uitgereikte bekroning. Honing is al ruim twintig jaar bezig met het ‘veroveren van de wereld’, zijn graag gebruikte referentie naar een gezamenlijke uitspraak van hemzelf en drummer Joost Lijbaart, lang geleden in een Amsterdams café (‘toen ik nog veertig sigaretten per dag rookte’).
beeld: Eric van Nieuwland
door: Tim Sprangers
Dat het festijn rond de uitreiking van de VPRO Boy Edgar Prijs een muzikaal feest zou gaan worden, is een understatement. Yuri Honing krijgt van alle kanten lof toegezwaaid om zijn hokjesverwerping, uiteenlopende projecten en trendsettercapaciteiten. Die veelzijdigheid wilde hij natuurlijk laten zien in het Bimhuis, de plek waar het plastiek van Jan Wolkers en de geldprijs (12.500 euro) gisteren officieel werden uitgereikt aan de muzikant die ‘zich reeds lange tijd onderscheidt door zijn/haar actieve, initiërende en vooral oorspronkelijke rol’.
![]()
Yuri Honing ontvangt uit handen van Ellen ten Damme de VPRO/Boy Edgar Prijs 2012. Pianisten Wolfert Brederode en Jef Neve. Celliste Amber Docters van Leeuwen.
Zijn eerste trio (met slagwerker Joost Lijbaart en contrabassist Tony Overwater) behoort tot de meest elastische, open-minded bands die Nederland ooit heeft gekend. Pionierend onderzocht het fraaie popsongs die werden vertaald naar een jazzidioom (of andersom). Later verkende Honing andere uithoeken. Uit nieuwsgierigheid begaf hij zich via Misha Mengelberg in de wereld van de vrije improvisatie, waarna hij definitief zijn identiteit van eenkennige jazzo verliet. Hij belandde in het Midden-Oosten, en voelde de energie van de bakermat van onze beschaving op volle pleinen in Beirut.
De saxofonist maakte een prachtige plaat met jazzgiganten Paul Motion, Gary Peacock en Paul Bley en werkte samen met het Metropole Orkest. In zijn Winterreise-avonden in Paradiso, een evenement dat vorig jaar jubileerde, belichaamt Honing zijn avontuurzucht. Hij zoekt de mafste en daardoor leukste combinaties met muzikanten uit vooral niet de jazzwereld en kwam zo uit bij Huub van der Lubbe, Roosbeef, De Staat of Ellen Ten Damme.
Die laatste verzorgde op een tikkeltje gênante wijze de prijsuitreiking in het Bimhuis. Ze probeerde van haar formele rol tevergeefs een showtje te maken en kortte het juryrapport in met ‘Hij speelt gewoon lekker en doet zijn best’. Tja, op zijn minst misplaatst.
![]()
Gitarist/zanger Gabriel Rios. Contrabassist Ruben Samama (met slagwerker Joost Lijbaart). Yuri Honing (met pianiste Nora Mulder).
Het deed niets af aan de mooie avond, altijd een beetje spannend in een live radio- en tv-uitzending en de NOS-camera’s op het podium gericht. Het is elk jaar een mix van een boel jazzprominenten, familie en vrienden van de prijswinnaar en mensen die gewoon een kaartje hebben gekocht, omdat ze graag naar de betreffende muzikant luisteren.
Honing liet veel zien van wat hij in zijn mars heeft. De opening was een duet met klassiek pianiste Nora Mulder. In een serene sfeer mixten opgeschreven noten met de mooi via de klaviersnaren resonerende sopraansaxofoon. Zijn ‘akoestische’ kwartet, waarmee hij veel toert in en buiten Nederland, volgde. Het is prachtige muziek zoals we niet eerder hebben gehoord, precies wat de saxofonist al twintig jaar voor ogen heeft. Vier warme kleuren die sluipen om en in elkaar, gevoed door vredige thema’s. De elektronische toevoegingen (e-bows, loopmachine) zijn gebaseerd op akoestische instrumenten. Dat zorgt voor een extra laag, je kan door de muziek heenlopen. Ook de drie generaties die opgesloten zitten in de formatie maken deze band meerdimensionaal. Ze lijken de tijd te hebben opgeslokt.
Dan was er nog de Puerto-Ricaanse zanger, die een tijd lang in België woonde, Gabriel Rios. Met zijn hoge stem, licht hees en spatzuiver, zong hij aanstekelijke popliedjes. Ook celliste Amber Docters van Leeuwen en pianist Jef Neve sloten aan. Ontroerend was het einde, een Cubaans liedje dat zijn opa altijd zong. Honing sloot aan en wrong zich in het Latijns-Amerikaanse karakter met zijn kenmerkende diep liggende, krachtige en fijn zeurende oerklank. Een authentiek geluid dat past bij een grote jazzmuzikant. Kippenvel op de armen.
De afsluiter was zijn Wired Paradise. ‘Jazzrock of rockjazz?’ vroeg Vingerhoeds. ‘Rockband’, antwoordde Honing. Niet helemaal terecht, want er liggen veel jazzelementen opgesloten in het kwintet. Zoals de solo’s van gitaarstilist Frank Möbus, kenmerkende jazzinteracties en uiteraard de tenorsaxofoon als leadinstrument; ze maken Wired Paradise juist zo uniek goed. Niettemin, zeker door de enorme brok energie rockt deze band snoeihard de pan uit.
© Jazzenzo 2010