Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Patricia Barber overtuigt door puurheid en overgave

CONCERTRECENSIE. Bimhuis Amsterdam, Patricia Barber & Band, 27 november 2006
beeld: Ger Koelemij
door: Tim Sprangers

Samen met onder andere Norah Jones en Cassandra Wilson behoort ze tot de grote jazzvocalisten van Blue Note: Patricia Barber. Na al enkele keren het North Sea Jazz Festival in Den Haag te hebben bezocht, deed ze met haar vaste muzikanten Neal Alger (gitaar), Michael Arnopol (bas) en Eric Montzka (drums) voor de eerste keer het Bimhuis in Amsterdam aan. Hoewel niet consequent overtuigend bevatte het optreden lyrische en muzikale hoogtepunten om van te smullen.


Patricia Barber, Michael Arnopol, Eric Montzka

De Amerikaanse zangeres en pianiste overtuigde met beide troeven. Haar pianospel mist weliswaar wat spanning, druipt van standards en lijkt af en toe te neigen naar kitsch. Een grote dosis subtiliteit echter, verbloemt deze punten. Het pianowerk is voor de jazzleek toegankelijk en voldoende uitdagend voor de jazzkenner. Met gezichtsuitdrukkingen vol overgave fluisterde, zong en praatte Patricia Barber over de ‘Metamorfosen’. Haar laatste cd ‘Mythologies’ gaat over elf karakters van Ovidius’ werk. Heftige pianokreten wisselde ze af met minimale melodieën. De teksten waren ritmisch van uitzonderlijke klasse en inhoudelijk dromerig en aanstekelijk.

Barbers samenwerking met de band is ongekend. Het kwartet functioneert als een geoliede machine met een menselijk hart. Duidelijk was te horen hoe de vier op elkaar ingespeeld zijn en toch was er totaal geen sprake van routinewerk. Schijnbaar onverwachte tonen die Barber inzette, werden een fractie later beantwoord door Neal Alger. De gitarist is een zeer veelzijdig muzikant. Met een achtergrond in onder meer de hardrock en soul paste hij perfect bij Barber. Met een flinke portie blues wist hij te scheuren als een beschaafde Stevie Ray Vaughan of een brutale Robben Ford. Intimiteit bereikte hij voornamelijk met zijn akoestische gitaar.

Net als bassist Michael Arnopol wisselde hij zijn akoestische instrument geregeld in voor zijn elektrische. De prettig-luie timing van de gitarist werd gestuwd door een rauwe, maar zeer technisch drummende Eric Montzka. Zijn hoogtepunt kwam op het einde: met een denderend opgebouwde solo, waarin hij weigerde zijn snaredrum te beroeren, kwam het concert tot een stormachtig einde. Misschien heeft het kwartet van Patricia Barber een te hoog popkarakter. Ook was de stem van de Amerikaanse niet altijd volledig zuiver. Maar het resultaat heeft een duidelijke identiteit die in volle overtuiging gebracht wordt. Negatieve kritiek wordt weggevaagd door eenduidige pure beleving en overgave.


© Jazzenzo 2010