De heroïsche daden van Jamey Aebersold COLUMN Even voor degenen die het fenomeen Aebersold niet kennen: Jamey Aebersold was als jazzmusicus actief in Indiana en Kentucky, maar dreigde ten onder te gaan in vergetelheid. Tot hij op een morgen – waarschijnlijk na de zoveelste ondankbare schnabbel – bedacht dat de wereld misschien wel zat te wachten op Play-alongs. En wat bleek, daar zat de wereld inderdaad op te wachten.
door: Koen Graat
One, two, one, two, three, four… De gemiddelde conservatoriumstudent schiet meteen in de houding bij het horen van deze cijfers. Die donkere, droge stem die aftelt en aankomende jazzmuzikanten op weg helpt naar eeuwige roem. De man die in de luwte werkt en toch één van de meest invloedrijke personen van de laatste decennia is als het om jazz gaat: Jamey Aebersold is de naam!
Een Play-along is een boek waar partijen van (jazz)nummers in staan. Er zit een cd’tje bij met daarop de nummers kaal ingespeeld door een drummer, pianist en bassist, dus zonder thema’s of solo’s. Piano en bas kun je desgewenst wegdraaien. En dan maar meespelen met stukken van Parker, Coltrane, Miles of wie dan ook. Soleren tot je erbij neervalt in zo’n troosteloos oefenlokaal op een conservatorium. Geen drumfills die niet uitkomen, geen slecht geïntoneerde contrabasbegeleiding en geen pianist die er weer eens een one-man-show van maakt. En dat allemaal dankzij het zakelijke vernuft van Jamey Aebersold.
Met zijn methode heeft Aebersold niet alleen veel geld verdiend – althans dat lijkt me zo –, maar is hij binnen de jazzwereld ook nog een bekende naam geworden. Dat was hem als muzikant waarschijnlijk niet gelukt. Nu leidt hij conservatoriumstudenten door de duisternis naar het beloofde licht en verder. Benjamin Herman, Eric Vloeimans, Jesse van Ruller, ze zullen het ontkennen, maar ergens onder een laagje stof, ver weggestopt in een kastje, ligt ook bij hen vast nog wel een Aebersold-play-along. Want welke jazzmuzikant is niet groot geworden met Aebersold?
© Jazzenzo 2010