Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Bud Shank kan nauwelijks verrassen

CONCERTRECENSIE. Paradox Tilburg, Bud Shank met Rein de Graaff Trio, 9 februari 2007
beeld: Marcel Mutsaers
door: Rinus van der Heijden

In een muziekstijl die ruim een eeuw oud is, kun je een ontwikkeling die inmiddels bijna zestig jaar bestaat, gerust klassiek noemen. Dus wekt het geen verbazing als een van de oudste vertolkers van de cool-jazz – daar hebben we het over - een klassieke manier van spelen én van opvattingen heeft. Er zullen er vrijdagavond in muziekpodium Paradox weinigen zijn geweest, die verwachtten dat de Amerikaanse altsaxofonist Bud Shank de revolutie kwam prediken. Maar zó voorzichtig was nu ook weer niet nodig geweest.


Bud Shank met Rein de Graaff Trio

De 80-jarige Bud Shank speelde volledig op safe. Begrijpelijk, gezien zijn leeftijd. Maar van het begeleidende Rein de Graaff Trio had wel wat meer initiatief mogen uitgaan. Misschien heeft het met de bewering aan het begin van deze bespreking te maken dat dat niet gebeurde: De Graaff c.s. waren er slechts voor het koesteren van de traditie. In die zin was het concert geslaagd.

Door deze aanpak werd het een optreden met een dodelijke saaiheid. Alle stukken waren gelijk van opzet: groepsspel, solo Rein de Graaff op piano, solo Marius Beets op contrabas, solo Eric Ineke op slagwerk. En dan weer van voren af aan. Zeker, het zat technisch allemaal goed in elkaar. Maar nergens rimpelde het of beleefde je ook maar één moment van sensatie. Dat is toch het minste als het om jazzmuziek gaat.

Het stemde triest te moeten constateren, dat er sleet zit op het spel van Shank. Kortademigheid speelde hem danig parten. Het intro van ‘The Night Has A Thousand Eyes’, dat hij onbegeleid speelde, was dun en bibberig van toon. Als Shank zich kon verschuilen in het groepsgeluid, dan handhaafde hij zich aardig. Dan legde hij een simpele en directe emotie in zijn spel. Maar te vaak zag je hoe hij adem tekort kwam om lenig en met voldoende kracht over zijn begeleidende trio heen te spelen. Mooi was echter een afwijkende versie van ‘Summertime’. Het arrangement stak zo in elkaar dat de improvisaties die Shank rond het  thema breide afleidingen plus fijnzinnige verwijzingen tegelijk waren naar die zo bekende jazzstandard. Later, in ‘My Funny Valentine’ ging het net zo.

Het concert werd geopend met ‘The Touch Of Your Lips’. Voortdurend prutsend aan zijn mondstuk kon Shank niet verhullen dat hij lange tijd nodig had om erin te komen. In ‘Night And Day’ klonk iets door van oude glorie. Pas aan het einde van de tweede set lag hij voldoende op stoom om te bewijzen dat hij een van de belangrijkste vertolkers van cool-jazz is (geweest).


© Jazzenzo 2010