Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Stukjes en beetjes bij Atomic en, o ja, ook tuitende oren

CONCERTRECENSIE. Sju Jazzpodium Utrecht, Atomic, 14 april 2007
beeld: Stef Mennens
door: Mischa Andriessen

“En toen gingen ze ineens ook nog over op een driekwartsmaat!” Twee jonge jongens uitten vlak na het optreden van Atomic opgewonden hun bewondering voor de ingenieuze manier waarop de groep de meest complexe ritmische en melodische patronen aan elkaar schakelt.


Håvard Wiik, Paal Nilssen-Love, Fredrik Ljungkvist, Magnus Broo 

Op “Happy new ears” de vorig jaar verschenen derde cd van dit Noors/Zweedse kwintet leek de band zich in vergelijking met voorgaande albums nog meer te hebben toegelegd op een eclectische mix van muziekstijlen. Atomic zapt als het ware langs de verschillende jazzgenres waarin de enige constante de enorme energie van het vijftal lijkt te zijn. In het Sju Jazzpodium was de tomeloze inzet des te achtenswaardiger omdat de zomer ineens besloten had om dit jaar in April te beginnen. Het was drukkend warm in de zaal en op het podium waarschijnlijk nog veel warmer. Trompettist Magnus Broo dronk liters water en ging na elke solo hevig op zijn hurken zitten om hevig hijgend bij te komen.

Daar waar Atomic er ten opzichte van “Happy new ears” live nog een extra schep energie tegenaan gooide, liet de groep toch ook wat steken vallen in de uitvoering. Broo blies vaak net naast de microfoon waardoor hij door saxofonist/ klarinettist Fredrik Ljungkvist werd overstemd en hun mooie, geknepen ensembles niet optimaal uit de verf kwamen. Misschien dat er daardoor ook minder lijn in de nummers leek te zitten. In elk geval maakte een deel van de composities de indruk een aantal aan elkaar geplakte stukjes te zijn waarin de samenhang ontbrak.

Op zich hoeft dat niet zo’n probleem te zijn. De individuele kwaliteiten van de muzikanten kunnen wat dat betreft veel compenseren. Of dat de heren van Atomic in het Sju Jazzpodium ook lukte, is waarschijnlijk een kwestie van smaak. De powerplay van beide blazers was indrukwekkend krachtig, maar deed tegelijkertijd de oren tuiten en hunkeren naar meer subtiliteit. Op eenzelfde manier is drummer Paal Nilssen-Love fenomenaal, maar zijn spel is ook heel erg druk. Zijn getover met tal van verschillende bekkens en gongs is een genot om naar te kijken, maar zijn manier van spelen belet de andere bandleden de mogelijkheid gas terug te nemen. Als gezegd, een kwestie van smaak, want een band die als een stoomwals over het publiek heen dendert, heeft soms ook zo zijn charme. Het is niet uitgesloten dat de temperatuur eraan bijdroeg dat een zekere vermoeidheid zich gaandeweg van een deel van het publiek meester maakte.

Atomic is zonder meer een heel bijzondere band die ook in het Sju Jazzpodium bij vlagen adembenemende jazz afleverde. Het lijkt erop dat zij door omstandigheden de door “Happy new ears” gewekte verwachtingen niet helemaal waar konden maken. Al zal niet iedereen die mening delen. Het andere deel van het publiek was namelijk dolenthousiast.  


© Jazzenzo 2010