09 Mrt '10 -Gevarieerde avond met veel Mengelberg-muziek
CONCERTRECENSIE. VproJazzLive, Mark Alban Lotz & Dutch View on Fish, Craig Taborn, Benjamin Herman Quartet, Bimhuis Amsterdam, 6 maart 2010
beeld: Maarten Jan Rieder
door: Jacques Los
De tweede avond van het VproJazzLive-festival had als leidraad ‘de avond van de grote variatie’. Dat dekte uitstekend de lading; van impro-jazz, soundscapes, video, pianorecital tot en met uitbundige hardbop jazz.
![]()
Craig Taborn, Mark Alban Lotz en Benjamin Herman vormden de hoofdingrediënten van de tweede VproJazzLive-avond in het Bimhuis.
Fluitist Mark Alban Lotz heeft gedurende een twintigtal jaren de reputatie opgebouwd een breed georiënteerd en modern fluitist te zijn. Hij is zowel in de wereldmuziek, hedendaags gecomponeerde als impro-muziek werkzaam. Zijn huidige project ‘Dutch View on Fish’ opende ontspannen waarna, met bijzondere fluiteffecten, geprepareerde piano (Albert van Veenendaal), onorthodoxe blaas- en percussie instrumenten (Alan Purves) en video-animatie geïnspireerd op het werk van de onderwaterfilmer Jacques Cousteau, en werd de magische wereld van het leven diep in de zee muzikaal verkend.
Na deze intensief en geïnspireerd uitgevoerde collectieve improvisatie volgde een door Lotz op basfluit en cellist Jörg Brinkmann unisono gespeelde medium beat, waarna pianist Albert van Veenendaal zich liet gelden met een energieke freejazzsolo. Alle groepsleden zijn prominenten in de impromuziekscene. Op basis van compositorische raamwerken en vrije improvisaties werd een klein uur fascinerende muziek geproduceerd.
Pianist Craig Taborn, die al vele malen het Bimpodium deelde met onder andere Chris Potter, Dave Douglas en James Carter, nam nu alleen achter de vleugel plaats. Zijn lange suite-achtige set had hij in vier blokken opgedeeld. In het eerste deel werd de vleugel vooral als klankkast gebruikt. Het werd een weergaloze geluidsexpeditie. Van nauwelijks te horen enkele noten, maar met open pedalen lang doorklinkend, tot en met uiterst krachtig aangeslagen blokakkoorden.
Het tweede deel was een opeenstapeling van akkoorden. Razendsnel en meesterlijk uitgevoerd. Het derde deel was een moderne hardbopimprovisatie, bij vlagen lekker swingend en de noten helder en pittig aangeslagen. De apotheose was een amalgaam van de vorige delen. Het meesterschap van Taborn werd niet alleen gedemonstreerd door zijn virtuositeit, maar ook door de intelligente opbouw van de lange geïmproviseerde pianosuite.
Albert van Veenendaal, Alan Purves, Benjamin Herman Quartet.
Het sluitstuk van de avond was het dynamische optreden van het Benjamin Herman Quartet. De groep speelde composities van Misha Mengelberg. Eén daarvan was de prachtige ballade ‘De sprong o romantiek der hazen’. De absurdistische tekst werd met souplesse, elan en een warm donker stemgeluid door pianist Ruben Hein ten gehore gebracht. Gespeelde Mengelbergklassiekers waren onder andere ‘Driekusman total loss’ - in 1964 op de plaat gezet door Mengelberg, Han Bennink, Piet Noordijk en Gary Peacock - en ‘Pete’s Blues’ (Pete is Piet Noordijk). Herman en zijn kwartet hebben zich het Mengelberg-repertoire geheel eigen gemaakt en gevormd tot frisse, swingende bebopmuziek.
Herman voelt zich als een vis in het water. Hij soleert energiek, heftig, bedreven, in de geest van Charlie Parker en zijn leermeester Piet Noordijk. Pianist Ruben Hein is een aanstormend talent met een goede techniek in het bebop-idioom. Het kwartet wordt gecompleteerd door de stuwende en swingende ritmesectie bestaande uit drummer Joost Patocka en bassist Ernst Glerum.
Een feestelijke ‘no nonsens jazz’ afsluiting van een gevarieerde jazzavond. Alle lof voor organisator en presentator Vera Vingehoeds die in de programmering avontuurlijkheid niet schuwde.

