14 Jul '08 -Tweede dag North Sea Jazz: grootse concerten van kleinere namen
NORTH SEA JAZZ, Ahoy Rotterdam, zaterdag 12 juli 2008
beeld: Thomas Huisman
door: Mischa Andriessen
Het is verleidelijk om North Sea te zien als een verzameling grote namen. De groten uit de pop brengen veel publiek en daarmee het geld binnen, die uit de jazz lokken liefhebbers uit binnen- en buitenland die er de nodige ontberingen voor over hebben om op één dag een keur aan artiesten bezig te zien die in elk geval in naam tot de top behoren.
![]()
Bunky Green (l) trad op in het trio van Eric Legnini. Kenny Werner en Randy Brecker zorgden voor een relaxte aftrap van een tweede dag North Sea Jazz.
Dringen voor de groten
Wie niet voor de plusconcerten kiest, loopt echter het risico overal te laat te komen en niet meer de zaal in te mogen. Of juist overal veel te vroeg te zijn om die goede zitplek te claimen en daardoor veel van wat er her en der in het immense gebouw gebeurt te missen.
De tweede dag begon meteen met een opstopping op de route naar de Darling en de Hudson. Voor het concert van Bobby McFerrin, Richard Bona en Cyro Baptista zijn de deuren dan al dicht en dat blijven ze. ‘Loopt u alstublieft door, mensen doorlopen!’ roepen geïrriteerde beveiligingsmannen. Het festival is dan koud van start.
In plaats van je door de grote namen te laten leiden, kun je je ook laten verrassen. Gewoon kijken en luisteren naar wat er op de kleine podia gebeurt. Een risicovolle onderneming is dat al lang niet meer. Juist in de breedte wordt de programmering van North Sea jaarlijks beter.
Relaxed begin
Met een lange dag in het verschiet, is een relaxte aftrap niet te versmaden. De ‘lawn chair society’ oftewel het Kenny Werner Quintet staat daarvoor garant. Vijf topmuzikanten werken zich ontspannen door een kalm, maar sterk opgebouwde set. Mooi om te zien hoe de sympathieke kolos Werner danst achter zijn piano. Zwaar lijf, lichte aanslag.
De muziek is van zonnige blues doortrokken. Toegankelijk, maar met inhoud en bij vlagen venijnig. De alerte ritmesectie die uit Scott Colley en Brian Blade bestaat, houdt de pit erin. Beide blazers, Randy Brecker en David Sánchez gaan met elkaar in gesprek en niet in gevecht. In die context komt Brecker het beste tot zijn recht. Hij hoeft zijn technisch kunnen niet te overdrijven en dan contrasteert zijn felheid heel fraai met het ontspannen spel van Werner.
De pianist neemt de tijd. Muzikale thema’s worden door hemzelf op piano uitgebreid geïntroduceerd. Daarmee zet hij alvast de contouren van de compositie neer hetgeen bijdraagt aan helderheid van de verhaallijn. Werners muziek heeft een grote beeldende kwaliteit. Zo is er weinig voor nodig om bij het speelse “Inaugural balls” de dansende demonen Bush en Cheney voor je te zien aan wier verwoestende regeringsbeleid Werners compositie is gewijd. Hetzelfde geldt voor het afsluitende “Hedwig’s theme” uit Harry Potter. Menigeen verliet na afloop de zaal, die melodie nafluitend op weg naar het volgende concert.
Kleine en grote helden
De onbetwiste jazzhelden die nog kunnen optreden mogen dan schaarser en schaarser worden, er worden er steeds weer gevonden en terug gevonden. Altist Bunky Green stond in de jaren zestig door zijn werk met onder meer Elvin Jones korte tijd in de belangstelling. Hij koos voor een baan als saxofoonleraar en werd pas een paar jaar terug door musici van de jonge generatie zoals Steve Coleman als voorbeeld naar voren geschoven. Samen met het trio van Eric Legnini ging hij vervolgens weer optreden. Na een optreden in het Bimhuis vorig jaar, stonden ze nu op North Sea. In de Missouri genoot Green zichtbaar van alle aandacht en niet minder van het spel van zijn musici.
De drieënzeventigjarige Green is een technisch begaafd blazer met een zeer specifiek, in de hoge registers wat snerpend geluid. Hij lijkt daarmee op de man die hij ooit in de band van Charles Mingus verving; Jacky McLean. Iemand wiens toon ook niet door iedereen evenzeer wordt gewaardeerd.
Of je zijn geluid nu apprecieert of niet, Green verdient bewondering voor zijn geestdrift en manier waarop hij onmiskenbaar opererend binnen de traditie, zijn spel geregeld met onconventionele invallen verrijkt. Het trio van Legnini begeleidt hem bijna alsof Green een zanger is. Met een voortreffelijke dynamiek worden de thema’s omspeeld en worden tempo en volume op- of teruggeschroefd waar dat nodig is.
Alsof het zijn studenten waren, gaf Green de musici na elke geslaagde solo een schouderklopje. Zo overdreven was dat eigenlijk niet, want het trefzekere spel van het drietal is een solide vangnet voor de solo’s van de nestor die zich daardoor heel wat vrijheid kan permitteren. Opgevangen wordt hij immers zeker.
![]()
Saxofonist Finn Peters. Het Srdjan Ivanovic Blazin’ Quartet is winnaar van de Dutch Jazz Competition. Jules Deelder draaide na afloop plaatjes.
Vogelfluitjes
Als gezegd veel Engelse acts dit jaar. Hoe verschillend ze ook zijn, ze hebben bijna allemaal gemeen dat ze jazz injecteren met elementen uit andere muzikale genres. De muziek van saxofonist/fluitist Finn Peters is bijvoorbeeld beïnvloed door gamelanmuziek en in het verlengde daarvan (elektronische) minimal music. Die invloeden heeft hij subtiel verwerkt tot toegankelijke composities waarin opvallend weinig soloruimte is voor de musici. De vijf meegebrachte muzikanten, waaronder twee leden van Acoustic Ladyland, stelden zich geheel ten dienste van de composities. Alleen Peters zelf soleerde veel. Op fluit leidde dat een knappe, maar toch wat softe sound. Als saxofonist gaat er veel meer van hem uit en voegt hij een rauwheid toe die de muziek goed kan gebruiken.
In de sfeervolle spiegeltent ontpopte Peters zich als een charmant causeur die makkelijk een band opbouwt met zijn publiek. Het verloop in de sfeervolle spiegeltent is doorgaans groot, maar de prettige in het gehoor liggende muziek en Peters in aandoenlijk Nederlands gehakkelde introducties wisten veel bezoekers voor zich te winnen. Peters’ zusje dat vogelfluitjes kwam uitdelen ter ondersteuning van haar broers ode aan de nachtegaal had er bij lange na niet genoeg. Een mooi beeld: een zaal vol volwassen mensen die allemaal op een kleurig fluitje blazen ter verhoging van de sfeer. Niemand was dan ook boos dat het kwijl uit de goedkope speelgoedjes kwam gelekt en de uitgaanskleren bevlekte.
Dutch Jazz
In de Volga, een van de kleinste zalen, werd het programma op zaterdag verzorgd door de vier finalisten van de Dutch Jazz Competition. De prijs wordt tweejaarlijks uitgereikt aan de beste vanuit Nederland opererende band. Dat de Nederlandse jazz internationaal is, mag blijken uit het feit dat er musici uit Duitsland, België, Slovenië, Bulgarije, Roemenië, Bosnië en Zweden op de planken stonden.
Het Srdjan Ivanovic Blazin’ Quartet sloot de rij. Met drie uit de balkan afkomstige muzikanten is het geen verrassing dat de muziek van het kwartet veel Oost-Europese invloeden kent. Die muziek is dan wel flink vermengd met eigentijdse jazz. De ritmische rijkdom van de balkanmuziek wordt door de vier subtiel benut. Net als de melancholieke melodieën die door het gebruik van effecten en samples een bijzondere klankkleur krijgen.
De band bestaat pas sinds het begin van dit jaar, maar een aantal leden zijn geen onbekenden in de Nederlandse jazz. De tot beste solist gekozen bassist Mihail Ivanov speelt in het trio van Dimitar Bodurov. Saxofonist/klarinettist Alex Simu maakt deel uit van het spetterende collectief Tarhana. In weerwil van de naam is het Srdjan Ivanovic Blazin’ Quartet veel bedeesder en introspectiever dan Tarhana. Hun soms haast filmische muziek is echter minstens van eenzelfde niveau. Sterke solisten, maar vooral krachtige composities die meteen een sfeer of een beeld oproepen. De jury onder leiding van Philip Catherine was evenzeer onder de indruk. De hoofdprijs van de Dutch Jazz Competition was voor dit kersverse kwartet.
![]()
Het duo Javier Girotto en Luciano Biondini gaven een concert in de Volga.De muziek van het kwartet van Stefano di Battista (r) bleek één van de hoogtepunten van de avond.
Toppers als entr’acte
Eveneens weggestopt in de zolderkamer van Ahoy en dan ook nog als pauze-act, was het Argentijns-Italiaanse duo Javier Girotto / Luciano Biondini. Twee rasmuzikanten die op het snijvlak van jazz en volksmuziek (onder andere tango) opereren en die eerlijk gezegd, in de Volga, nogal bekaaid waren weggezet. De twee speelden er niet minder geestdriftig door en gaven een van de allerbeste optredens op deze editie van North Sea.
Ingetogen, melancholische passages werden afgewisseld met furieuze stukken, waarin de fenomenale instrumentbeheersing van beide nog eens extra naar voren werd gebracht. Zowel op sopraan als op bariton is het spel van saxofonist Girotto meesterlijk. Biondini is op accordeon zeker gelijkwaardig. Hun muziek klinkt urgent en vurig. Ze is daarnaast zeer genuanceerd. De twee zijn feilloos op elkaar ingespeeld en vullen elkaar daardoor perfect aan. Daardoor lijkt het alsof je als luisteraar geen noot miste, zo werd je meegenomen in hun verhaal. Een top act.
Spectaculair slot
Voor wie nog puf had, lag er een spectaculaire afsluiting in het verschiet. De zaal waar James Carter met zijn kwintet optrad, was al snel helemaal vol, maar de Missouri bood een uitstekend alternatief met de explosieve bop van het kwartet van Stefano di Battista. Deze Italiaanse saxofonist en zijn landgenoot Fabrizio Bosso op trompet speelden nadrukkelijk de troef van de muzikale acrobatiek, maar hun show maakte desondanks indruk. Dat was voor een belangrijk deel de verdienste van toetsenwonder Baptiste Trotignon op Hammond en de geweldig swingende drummer Greg Hutchinson. Als Hutchinson speelt, is stil zitten een onmogelijke opgave. Als hij in zijn element is, zoals in dit kwartet waar hem vrij baan wordt gegeven, zet hij elke zaal moeiteloos op zijn kop. Daarmee eindigde een boeiende tweede dag North Sea flitsend en konden de onvermoeibaren dansend door naar de nachtelijke sessies in Dizzy.
- Meer recensies van North Sea Jazz in de loop van deze week
- Openingsavond North Sea Jazz is acht uur durende achtbaan (vrijdag 11 juli, door Tim Sprangers)
- Oud en nieuw op North Sea Jazz steeds meer in evenwicht (vrijdag 11 juli, door Mischa Andriessen)
- Interview met Jeroen van Vliet (compositie-opdracht 2008, door Rinus van der Heijden)
- North Sea Jazz erkent eindelijk nauwe band met popmuziek (achtergrond, door Rinus van der Heijden)
- North Sea Jazz website
Ook North Sea Jazz Roun Town was erg verassend. Zo zond zangeres Alice op het dak van Cafe Engels en stonden overdag in de winderige binnenstad de ensembles van The New Earth Group en The Mirror Conspiracy te spelen, absolute aanraders!
Sander - 14 Juli '08 - 22:16

