Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Het Wilde Westen geeft een podium aan de Utrechtse jazz

CONCERTRECENSIE. IGOR, Theaterzaal Het Wilde Westen, Utrecht, 27 februari 2022
beeld: Maarten Mooijman
door: Cyriel Pluimakers

Sinds het tragische teloorgaan van de SJU in het vorige decennium zwerven de lokale jazzmusici min of meer dakloos door Utrecht. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat het genre een warme plek zou krijgen in TivoliVredenburg, maar de werkelijkheid is weerbarstig. 

  
IGOR, met blazers Gerben Klein Willink en Ad Colen, speelde in het Utrechtse podium Het Wilde Westen.

Weggestopt
Het lijkt erop dat de jazz zoveel mogelijk weggestopt wordt in de uithoeken van het muziekpaleis en dat de popmuziek de dienst uitmaakt. De programmeurs ruimen maar sporadisch aandacht in voor de Utrechtse scene: een echt beleid is er niet of het zou moeten zijn dat de aandacht met name uitgaat naar publiekstrekkers en bands die het goed doen in de media. Van vernieuwing en het scheppen van nieuwe trends is allerminst sprake. Illustratief hiervoor is het aankomende Transition Festival, waar de roster grotendeels samengesteld lijkt door Mojo Concerts.

Bloei
Waar de lokale jazz wel enigszins tot bloei lijkt te komen is de voormalige Cereolfabriek, inmiddels omgedoopt tot Het Wilde Westen: een prettige zaal, met een goede akoestiek en prima voorzieningen op het gebied van licht en geluid. Helaas gooide de coronapandemie bijna twee jaar lang roet in het eten. Toch ontstond op deze voormalig industriële locatie  een fraai nieuw ensemble met de naam IGOR, gelijktijdig een verwijzing naar de grote Igor Strawinsky en een afkorting van Improvisatie & Groove Orchestra. Een formatie die de crème de la crème van de Utrechtse scene bevat: saxofonist Ad Colen, trompettist Gerben Klein Willink, gitarist Thijs de Klijn, bassist Zack Lober en drummer Mees Siderius. Met flair laat het kwintet horen dat ze de afgelopen maanden allerminst stil hebben gezeten. Ze komen voor de dag met eigen repertoire en stralen een authentieke energie uit die vanaf het eerste moment afstraalt op het aanwezige publiek.

  
Gitarist Thijs de Klijn en bassist Zack Lober. Slagwerker Mees Siderius.

Energiek
Uitermate energiek zijn de solo’s van tenorsaxofonist Colen en sprankelend is het spel van Klein Willink, die afwisselend te horen is op trompet en de meer warmbloedige flugelhorn. Pittig ook is de bijdrage van gitarist De Klijn die met zijn gruizige geluid zorgt voor dat rauwe randje waaraan de echte jazz een groot deel van zijn charme ontleent. De uit Canada afkomstige Lober, die in Leidsche Rijn woont, vormt een stevig ritmetandem met de enthousiaste Siderius achter de drumkit. De musici zorgen voor een wervelende set van ruim vijf kwartier waarin ze overtuigend laten horen dat IGOR niet zomaar de zoveelste imitatie is van een Amerikaanse trendsetter, maar dat ze echt op zoek zijn naar een eigen geluid waarin spontaniteit en groove de boventoon vormen.

Omissie
Het is de bedoeling dat de jazzprogrammering de komende maanden een belangrijk thema wordt bij Het Wilde Westen. Opmerkelijk alleen is dat er eind maart geen concert zal zijn, omdat dan het Transition Festival plaatsvindt in TivoliVredenburg, dat alle aandacht lijkt op te slokken en waar geen Utrechtse groepen zijn geprogrammeerd. Een onvergeeflijke nalatigheid van de programmastaf.


© Jazzenzo 2010