Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Trio Happy Village en FarmStead Jazz Club maken liefhebber gelukkig

CONCERTRECENSIE. Happy Village, FarmStead Jazz Club, Westbroek, 19 september 2021
beeld: Ton van Leeuwen
door: Cyriel Pluimakers

Ooit was het rijke Nederlandse jazzlandschap een voorbeeld voor de rest van de wereld. Meer dan 100 jazzclubs telde ons landje en de muziek werd flink door de overheid ondersteund, niet alleen de jazz maar ook klassieke kleine en middelgrote ensembles. Ronduit misdadig was het in de jaren negentig ingezette overheidsbeleid om een einde te maken aan deze veelvoud van sympathieke initiatieven. De jazz moest maar gerund worden door professionals en een plek vinden op de officiële concertpodia. Musici moesten maar de buikriem aanhalen, vond de toenmalige directie van de Stichting voor Jazz en Geïmproviseerde Muziek in Nederland.

  
Tenorsaxofonist Rolf Delfos, Hammond-organist Frank Montis en drummer Pim Dros op het podium van FarmStead Jazz Club in Westbroek.

Schade
Nu, meer dan twee decennia later, kunnen we met de blote ogen waarnemen hoe groot de schade is. Van de fijnmazige infrastructuur is niets meer over: er rest in ons kikkerlandje nog maar ongeveer een dozijn plekken waar de jazz welkom is. Ondertussen beleeft het genre een opbloei in de ons omringende landen. Van de actieve podia richt met name het Tilburgse Paradox zijn focus op de echte jazz, met projecten gewijd aan onder meer het Thad Jones/Mel Lewis Orchestra en de Skymasters.  Het Bimhuis lijkt sinds de nieuwe leiding elke seizoen meer verwijderd te raken van zijn grondslag als epicentrum van de jazz en impro. Rotterdam had aan het begin van deze eeuw ook de ambitie om, na het binnenhalen van North Sea Jazz, toonaangevend te worden. Iets wat niet gelukt lijkt nu Jazz International Rotterdam min of meer ontmanteld is, Bird nauwelijks meer jazz programmeert en Lantaren Venster zijn oor te veel naar het aanbod van Mojo Concerts laat hangen.

FarmStead
Kortom geen situatie om vrolijk van te worden, maar het bloed kruipt inmiddels waar het niet gaan kan. Links en rechts storten jazzliefhebbers zich op dit teloor dreigend te raken cultuurgoed. Zo startte IT-manager Rene Frankena in Westbroek ruim twee jaar geleden met de FarmStead Jazz Club in de voormalige deel van zijn woonboerderij: een idyllische plek in het Utrechtse polderlandschap. Een initiatief dat helaas wreed onderbroken werd door de pandemie. Nu we terug lijken te keren naar normale tijden, is Frankena weer optimistisch gestart met een nieuw concertseizoen waarbij hij denkt aan zes tot acht concerten per jaar. Het kersverse trio Happy Village - met tenorsaxofonist Rolf Delfos, Hammond-organist Frank Montis en drummer Pim Dros - mag de spits afbijten. Het ensemble ontstond uit het septet DelMontis, toen er tijdens de coronaperiode niet in een grotere bezetting gerepeteerd kon worden. 

  
De bandnaam ‘Happy Village’ is een vertaling van het welbekende ‘Blijdorp’.

Souljazz
Delfos is met name bekend van The Houdini’s, Montis van Laura Vane & The Vipertones en Dros is een actieve kracht binnen de Rotterdamse jazzscene. De bandnaam ‘Happy Village’ is een vertaling van het welbekende ‘Blijdorp’. Hun repertoire richt zich op de souljazz uit de jaren zestig, waarin namen als Eddie ‘Lockjaw’ Davis, Stanley Turrentine, Lou Donaldson en  Lonnie Smith de boventoon voerden. Het bijzondere van Happy Village is dat de musici aan het bestaande repertoire ook de nodige eigen stukken toevoegen, die uiteraard doordrenkt zijn van gospel en blues. Heerlijk is om het trio weer het klassieke ‘Messy Bessy’ van Shirley Scott te horen spelen. Delfos heeft dit keer alleen zijn vintage Conn Lady Face tenorsaxofoon meegenomen, zijn altsaxofoon mocht thuisblijven. Zijn geluid is lekker rauw en Montis laat de Hammond vet ronken. 

Toekomst
In de tweede set komt het trio echt op stoom met ‘A Foggy Night’ van Hank Marr, ook zo’n Hammond-legende. Sterk is de eigen compositie ‘Blues in the Clay’, een titel die op het lijf van de FarmStead Jazz Club lijkt geschreven. Het groovende ‘Donkey Walk’ en de fraaie ballad ‘Lovebird’ kunnen rekenen op reacties van de goed gevulde zaal. Het titelnummer ‘Happy Village’ vormt een passende uitsmijter. In de toegift ‘Live My Life’ horen we Montis ook als vocalist. Misschien ligt de toekomst van de jazz wel met name bij dit soort kleine initiatieven en niet bij de glossy concertpodia in de grote steden.


© Jazzenzo 2010