Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Ode aan Gerry Mulligan en Art Farmer niet meeslepend

CONCERTRECENSIE. Tini Thomsen – Ellister van der Molen Kwartet, Tivoli Vredenburg Utrecht,  9 oktober 2015
beeld: Ron Beenen
door: Armand van Wijck

Op papier was het een prachtige vrijdagavond om naar uit te kijken. Muziek van Gerry Mulligan en Art Farmer, uitgevoerd door een pianoloos kwartet met twee ijzersterke blazers: Tini Thomsen op baritonsax en Ellister van der Molen op flügelhorn. Maar een teleurgesteld gevoel bleef aan het eind van de rit over. De boel wilde maar niet van de grond komen.

  
Ellister van der Molen en Tini Thomsen brachten in zaal Cloud Nine een ode aan Gerry Mulligan en Art Farmer. 

Allereerst was er een rommelige eerste set, waarin van alles mis leek te gaan. Zowel Thomsen als Van der Molen maakten een onzekere indruk en hadden beiden een afwachtende houding. Dit resulteerde in te weinig, nauwelijks hoorbare en veel te voorzichtig uitgespeelde melodielijnen onder elkaars solo's. 

Daarnaast was er een hoop miscommunicatie, wat voor Van der Molen aanleiding gaf om zich met grote gebaren duidelijk te maken. Haar hand maakte bijvoorbeeld regelmatig dwingende cirkelbewegingen richting Thomsen: 'ga nog maar een rondje'. Het haalde de spontaniteit eruit en schetste een wat amateuristisch beeld. De solo's waren over het algemeen vlak en ontbraken vaak aan melodische structuur. Toen Thomsen eindelijk een beetje loskwam op 'Line for Lyons', begon Van der Molen het zonder pardon over te nemen met een vier-om-vier, terwijl Thomsen in de veronderstelling leek dat er onder haar solo melodielijnen gespeeld gingen worden.

De gehele band wekte de indruk dat er nauwelijks naar elkaar geluisterd werd. Naast dat dit hoorbaar was, leek dit ook zichtbaar. Een half uur lang keek het publiek tegen apathische gezichten aan die zich  blindstaarden op de bladmuziek. Zelfs nadat Thomsen met veel bravoure haar favoriete Mulligan-stuk aankondigde (‘Lonesome Boulevard’), dook ze met haar gezicht weer in de muziekstandaard.

  
Ellister van der Molen op flügelhorn. Baritonsaxofoniste Tini Thomsen met contrabassist Jos Machtel.

Luie zondagmiddag
Na een korte eerste set wist het kwartet zich gelukkig wel knap te herpakken. Op de tweede set was technisch niets aan te merken, de handgebaren waren zo goed als verdwenen, het soleerwerk helder en alles was aangenaam om naar te luisteren. Van der Molen had een paar sterke solo's waarbij ze het helaas iedere keer snel afkapte. Ook Thomsen kwam eindelijk goed op stoom en kreeg het publiek mee in het uptempo 'Blue Port', het vrijwel enige hoogtepunt van de avond dat uitmondde in een spontane en energieke strijd tussen flügelhorn en baritonsax.

Toch leek de muziek over de gehele linie genomen eerder op zijn plaats op een luie zondagmiddag dan op een stapavond. Met het ontbreken van een akkoordinstrument zou het kwartet meer vrijheid kunnen nemen, maar juist het tegenovergestelde gebeurde. De muziek was voorspelbaar, alles op safe en netjes binnen de lijntjes. Dynamisch bleef ieder nummer in hetzelfde vaarwater en werd er vrijwel niets naar eigen hand gezet. Zelfs vanuit de ritmesectie met Jos Machtel op contrabas en Joost van Schaik achter de drums kwam – op een spaarzaam moment na – weinig initiatief; de enige bas pedal van de avond was te horen in een vooraf gearrangeerd intro.

Er had zoveel meer gezeten in deze mooie combinatie van musici en repertoirekeuze. En dat was bij vlagen ook wel te horen. Een zeldzame offday voor normaal gesproken zulke goede spelers. Laten we hopen dat ze dit ongestoord achter zich laten en het snel zullen herkansen.


© Jazzenzo 2010