Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Joris Posthumus Quartet bereikt volle schoonheid

CONCERTRECENSIE Joris Posthumus Quartet, Paradox Tilburg, 19 februari 2010
door: Rinus van der Heijden

Altsaxofonist Joris Posthumus brengt deze dagen zijn eerste cd op de markt: ‘The Abyss’. De musicus, een exponent van het Tilburgse jazzmilieu, had er uiteraard voor gekozen om zijn presentatieconcert te geven in muziekpodium Paradox. En het publiek was hem daar dankbaar voor: Paradox zat mudjevol.

Joris Posthumus dankte op zijn beurt met een concert, dat op zijn minst memorabel mag worden genoemd. Het is een zeldzaamheid dat iemand die – relatief gezien – uit het niets het uitgebreide terrein van de jazz betreedt, dit zo zelfbewust en standvastig kan doen. Posthumus speelde met een flair dat slechts de grootsten zich kunnen aanmatigen. En zette daarbij dat flair om in ferme daden.

Het lag voor de hand dat de altsaxofonist en zijn kwartet hun concert zouden vullen met werk van de nieuwe cd. Maar Joris Posthumus toonde niet alleen een groot vakman te zijn, hij is er gelukkig nog eigenwijs bij ook. De eerste twee stukken – ‘Contraband’ en ‘Blue For You’- staan niet op ‘The Abyss’. Het kwartet opende er het concert mee en dat bleek een weldoordachte keus: ze waren nauwkeurig ingekleurde prenten uit het opengeslagen boek van de jazzgeschiedenis. Waardoor de opening van het concert niet alleen in een notendop liet horen wat dit kwartet vermag, maar nieuwsgierig deed snakken wat er verder ging komen.
 
Dat was nogal wat. In twee sets kwam het grootste deel van de negen composities tellende cd voorbij. Stukken die alle van de hand van leider Joris Posthumus kwamen. Hij toonde hierbij niet alleen een doorwrochte saxofonist te zijn, maar ook de kunst van het componeren al fiks onder de knie te hebben. Als componist is hij opzienbarend en dat is een eigenschap die mooi van pas komt, omdat het gebied dat de jazzmuziek van Joris Posthumus beslaat, na ruim een halve eeuw behoorlijk is platgebrand.

Als je al wilt analyseren kom je voor de hand liggend bij hardbop uit, maar het concept van Posthumus gaat verder. Omdat je er ook vrije improvisatie (geen free jazz, dat zou ál te netjes de geschiedenis volgen, zijn) en de newbop van de jaren negentig van de vorige eeuw in terug hoort. Prima, opwindend; maar niet altijd wereldschokkend. De verrassing sleept Joris Posthumus er echter overtuigend bij door vrijheid die alleen aan jazzmusici is voorbehouden, ruimhartig aan ieder van zijn musici te schenken - daardoor hoorde je soms wél free-jazz, maar altijd beteugeld à la Joris Posthumus. Of door het kwartet onstuimig uit de band te laten springen, onverwacht en een zwaar beroep doend op reactievermogen en inventiviteit van ieder bandlid.

Fraai is het titelstuk van de cd ‘The Abyss’, dat tijdens het concert na de twee eerder genoemde openingsstukken ten gehore werd gebracht. Het vertrekt vanuit rust, met jaren-zestigbelgerinkel, fors pianowerk en gemanipuleer met lucht in de altsaxofoon van de leider zelf. Dan kwam de overgang, van driftig groepswerk naar een piano die naar ijlheid inkeerde, in zijn gang slagwerk en contrabas meenemend. Dat was de eerste verrassing, nieuwe volgden elkaar op als teksten uit een gebedenboek.

In ‘The 2nd Day’, dat Posthumus componeerde voor een toernee met David Murray, hoorde je in elk geval de kracht en inzet van deze Amerikaanse tenorreus terug, in ‘Jacob’s Blues’ bandeloos en uitzinnig altspel van de leider. ‘Death of a Ladybird’ was hypnotiserend, je kon het het best beluisteren met je ogen dicht, maar dan miste je de uitbundige lichaamstaal van Joris Posthumus.

De altsaxofonist is een echte leider. Niet alleen in zijn fysieke aanwezigheid, maar ook als aangever voor zijn muzikanten. Hij bespeelt zijn saxofoon zoals je verwacht, met een bijtende toon, van de hak op de tak door het muzikale materiaal springend. Maar hij is tegelijk een van de weinigen die aan de karakteristiek van de tenorsaxofoon raakt en daardoor lui als een westerse toerist op een Caribisch strand, meeslepend en over de volle breedte van het klankenspectrum de muziek kleurt.

Deze hele beschouwing is over Joris Posthumus gegaan, alsof alleen hij op het podium stond. Niets is minder waar. Zijn metgezellen verdienen evenveel lof en zelden was het duidelijker dat indien zij er niet waren geweest, dit concert zoveel intensiteit en volle schoonheid nooit had bereikt. Pianist Jeroen van Vliet en slagwerker Pascal Vermeer zijn inmiddels op de leeftijd der wijzen gekomen. Hun inbreng is cruciaal, maar dan nog was het verbazingwekkend te horen hoe zij putten uit de rijke bronnen van de jazzhistorie en hoe eigenzinnig zij die te gelde maakten.

Contrabassist Jurriaan Dekker is van dezelfde generatie als Joris Posthumus en hij verraste evenzeer. Hij hanteert elk moment een ronde, volborstige toon, is razendsnel en is even behendig op het terrein van melodie als van ritme en tempo. Jurriaan Dekker is daarmee een van de grote talenten op het gebied van de contrabas.

En dan was er nog tenorsaxofonist Tom Beek. Hij speelt als gast mee op ‘The Abyss’ en was ook deze avond aanwezig. Hij dook slechts op in enkele stukken, maar zijn visitekaartje is van onkreukbaar karton. Zijn intro in ‘Jacob’s Blues’ vergeet je nooit meer, evenals zijn lenigheid en vermogen de hele dynamiek van de tenorsaxofoon uit te buiten.


© Jazzenzo 2010