Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Kenny Garrett zet Bimhuis op zijn kop

CONCERTRECENSIE. Kenny Garrett Quintet, Bimhuis Amsterdam, 8 mei '14
beeld: Ron Beenen 
door: Armand van Wijck

Het was een avond met wat tegenstrijdigheden. Kenny Garrett die bijna het gehele concert met zijn rug naar het publiek staat, sluit af met een dansende menigte om zich heen. En tussen alle prachtige notenstormen van zijn altsax door, ontbrak het soms aan wat subtiliteit.

  
Pianist Vernell Brown. Kenny Garrett besloot de avond in het Bimhuis met een dansende menigte om zich heen.

Geen aan- en afkondigingen, geen nummers die tussendoor aan elkaar werden gepraat. Meteen hard starten en doorknallen was de tendens tijdens de twee sets van Garrett en zijn kwintet. Technisch was het weergaloos. En het eigentijdse fusiongeluid van bop en funk waar Garrett zo om bekend staat, liet hem deze avond ook niet in de steek.

Het kwintet - naast Garrett bestaande uit een pianist, drummer, contrabassist en percussionist – startte met een vrolijk uptempo latinstuk om de sfeer er goed in te krijgen. Na een kort thema volgde een minutenlange solo van Garrett, die vooral al heen-en-weer lopend leek te zoeken naar het juiste geluid en balans. 

Motieven
Voorzichtig begon hij met het ontwikkelen van enkele motieven, maar liet dit al snel achterwege voor een continue stroom lijnen van achtste en zestiende noten. Hoewel hij daarin erg knap buiten de harmonieën om wist te spelen en accenten voortdurend verschoof, raakte het verhaal jammer genoeg steeds meer op de achtergrond. Garrett bleef dynamisch gezien wat lang hangen in hetzelfde vaarwater. Het ontbrak hier en daar wat aan gevoel, maar het publiek hing terecht aan zijn lippen.

De nummers die volgden zetten de trend voort: veelal uptempo en met een drukke ritmesectie op de achtergrond. Zo druk zelfs, dat Garrett door het wat jammerlijk afgestelde geluid soms slecht te horen was. Hij leek hier zelf ook wat last van te hebben, bleef heen en weer lopen en lange stukken met zijn rug naar het publiek spelen. Tijdens een swingstuk speelde hij wel erg voor de beat uit, waardoor het geheel onrustig werd. Ondertussen leek hij te sparren met de monitor, dus het kon evengoed een geluidsprobleem zijn.

  
Kenny Garrett, percussionist Rudy Bird en drummer McClenty Hunter.

De drukte werd versterkt doordat Garrett steeds maar weer drummer McClenty Hunter opzocht. Een echtepowerhouse die veel pop- en rockachtige fills speelde en vaak snoeihard op de toms sloeg. Het zorgde voor veel energie, maar het bleef zo ook eentonig. 

Sfeermakers
De overige drie bandleden waren echte sfeermakers. Vooral contrabassist Corocan Holt blonk uit. Naast een retestrakke walking bass gaf hij te midden van al het geweld tegengas met gevoelige solo's vol ritmische spanning en zorgvuldig aangebrachte rusten. Tijdens een van de weinige, rustigere stukken zette hij de toon met prachtig strijkspel. 

Pianist Vernell Brown kwam keer op keer met subtiele verrassingen uit de hoek, zowel met begeleiden als soleren, waarbij hij zelfs met motieven van een of twee noten de aandacht kon vasthouden. Percussionist Rudy Bird speelde zorgvuldig en liet horen dat zelfs de tamboerijn een boeiend jazzinstrument kan zijn. 

Garrett liet sporadisch gelukkig zijn gevoeligere kant zien, onder meer tijdens twee stukken in oneven maatsoorten (5/4 en 7/4). Hij haalde zijn sopraan tevoorschijn en speelde prachtige frases doorspekt met oosterse toonladders. Daarnaast begon hij samen met zijn band te zingen.

De avond eindigde bijzonder gemoedelijk met een hard groovend funkstuk waarbij het kwintet het afgeladen Bimhuis aanspoorde om mee te zingen en te dansen. Garrett haalde het publiek naar het podium, had tien minuten lang een dansende menigte om zich heen en nam alle tijd om met zijn fans op de foto te gaan.

Knagend
Over de hele avond speelde Garrett intens en bij vlagen zeer origineel, maar toch bekroop het knagende gevoel dat er nog wat elementen ontbraken die iemand als hij zonder moeite had kunnen invoegen. Misschien was het juist wel de bedoeling om er alleen met energieke jazzfusion een feest van te maken, maar wat meer afwisseling in dynamiek, opbouw in solo's en subtiliteit hadden de kers op de taart kunnen zijn.


© Jazzenzo 2010