Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

De vredesapostel van de jazzgitaar is niet meer

NECROLOGIE
door: Rinus van der Heijden









Jim Hall op 83-jarige leeftijd overleden.



Hij mocht op 4 december, nog geen week geleden, 83 jaar worden. In de nacht van 9 op 10 december is Jim Hall naar bed gegaan, om nooit meer wakker te worden. Vanochtend werd hij dood aangetroffen, overleden in zijn slaap.

Die doodsoorzaak past wel bij de gitarist, die ontelbaar velen beïnvloedde met zijn spel, dat altijd rust en helderheid uitstraalde. Nooit maakte Hall zich druk, althans nooit op het podium. Zijn voorkeur voor kleine bezettingen, met name de duetvorm, maakte dat hij altijd zichzelf kon zijn, knutselend met zijn noten en akkoorden en zich nooit zorgen makend om wat zijn compagnon-voor-dat-moment allemaal klaar stoofde. Het bleef Jim Hall om het even, want wat er ook gebeurde, zijn zin om te experimenteren dreef hem altijd voort. Ook al gebeurde dat tijdens een concert en kwam dat zijn medespeler(s) op dat moment niet zo goed uit.

Bill Evans
Jim Hall is voor de jazzgitaar geweest, wat Bill Evans betekende voor de jazzpiano. Beide musici hebben voor hun instrument een standaard neergezet, die voor beginnende, maar zeker ook gevorderde jazzinstrumentalisten, onontkoombaar is. Bill Frisell, een oud-leerling van Hall, Pat Metheny, John Scofield, John Abercrombie, maar ook een vooral onder fijnproevers bekende gitaarreus als James 'Blood' Ulmer zijn schatplichtig aan de gitaristische opvattingen van Jim Hall. Evenals hier in Nederland Jesse van Ruller. Met nog vele duizenden andere gitaristen over de hele wereld.











Jim Hall en Bill Evans gedurende de opnamen
van 'Undercurrent', 1962.



Pat Metheny heeft zijn bewondering voor Jim Hall nooit onder stoelen of banken gestoken. "Jim is voor mij de vader van de moderne jazzgitaar. Hij is de man die een methode ontdekte om de gitaar in muzikale omstandigheden te laten functioneren waarvan je het bestaan zonder hem nooit had ontdekt. Jim heeft de gitaar opnieuw uitgevonden en de toehoorders de gelegenheid gegeven te horen wat de bedoeling is achter de noten."

Prachtige woorden, die naadloos aansluiten bij wat Hall ooit van zichzelf zei: "Ik ben er niet zeker van dat ik een - wat wordt genoemd - stijl heb. Maar ik heb een benadering van muziek die mij de ruimte geeft te blijven groeien. Ik wil niet in een hokje worden gestopt, dat mij indeelt in een bepaalde periode van de jazzmuziek of muziek in het algemeen.'

Harmonieën
Jim Hall kon dat met recht zeggen. Want met zijn staccato spel, zijn gestructureerde harmonieën, zijn afwijkende akkoordengebruik en vooral zijn vaak geen emotie verradende geluid, is hij met niemand te vergelijken. Ook niet met zijn grote voorbeeld Charlie Christian, met wiens muziek hij kennismaakte in zijn vroege jeugd. Diens album 'Boys Meets Goy' uit 1940, dat hij opnam met Benny Goodman, heeft Jim Hall talloze malen genoemd als een van zijn grootste inspiratiebronnen.











Jim Hall tijdens Gent Jazz Festival 2012.

Foto © Jos L. Knaepen.


Jim Hall had iets met blazers. Vooral met Sonny Rollins, die ooit een briefje bij hem in de bus stopte met de vraag om eens samen over muziek te praten. Met Rollins nam hij diens beroemde 'The Bridge' op, het eerste album na de drie jaar durende sabattical die de tenorsaxofonist zich had opgelegd. Jim Hall was danig onder de invloed van de vindingrijke en vooral avontuurlijke speelwijze van Rollins. Daar trok hij zich dan ook aan op.

Blazers hebben trouwens zijn leven lang de voorkeur gehad van de gitarist. Tegen de beweeglijkheid van saxofonisten, trompettisten en trombonisten plaatste Jim Hall zijn geluid: zoet, zacht, rijk, mild en altijd nauwelijks versterkt. Wat betreft dat laatste: Jim Hall zette zijn elektrische gitaar het liefst in als een akoestisch instrument, precies zoals Charlie Christian dat vóór hem had gedaan.

Jim Hall speelde in zijn leven met talloze jazzmusici: in het begin van zijn carrière in de jaren vijftig met onder andere Chico Hamilton, Jimmy Giuffre, Ben Webster en als bandlid in Jazz at the Philharmonic. Later, in de jaren zestig met Ron Carter, Bob Brookmeyer en Tommy Flanagan en weer later met Larry Goldings, Billy Stewart en Wayne Shorter. In de jaren nul trad hij op met Joey Baron, Pat Metheny en Scott Colley. De laatste jaren van zijn leven hield Hall zich meer en meer bezig als componist en arrangeur. Maar hij speelde tot het laatst. Zoals in 2012 op Gent Jazz. Daar maakte hij een krachteloze indruk, leek hij uitgeblust, maar liet hij toch horen waarom hij ooit de grootste van allemaal was.











Jim Hall in de coulissen van Hnita Jazz Club in België, 1992.

Foto © Jos L. Knaepen.


Betere wereld
Wat menigeen niet weet is, dat Jim Hall zijn muziek benutte om te proberen een betere wereld te creëren. In 2004 componeerde hij 'Peace Movement', een razend knap geconstrueerd werk dat werd uitgevoerd door de Baltimore Symphony. En toen hij eerder dat jaar de NEA Jazz Masters Fellowship Award kreeg uitgereikt, zei hij: "De mannen en vrouwen die in het verleden deze prijs kregen, hebben vrede en liefde over de hele wereld verspreid. Ik ben verheugd nu ook een van die vredesbrengers te zijn."

De vrede die deze muzikale apostel predikte, heeft hem ook van deze wereld weggehaald. Stilletjes in een wellicht vredige slaap. Daarmee komt een einde aan ruim zeventig jaar unieke liefde voor de jazzgitaar. Maar zijn nazaten zijn er nog. En hoewel tot nu toe niemand in de fenomenale voetsporen van Jim Hall is getreden, zal zijn muzikale geest voor altijd boven de jazz blijven voortleven. Dat kan niet missen.


© Jazzenzo 2010