Artikel geprint vanaf Jazzenzo.nl

Organisch Jasper Blom Quartet staat als een huis

CONCERTRECENSIE. Jasper Blom Quartet, Bimhuis Amsterdam, 20 mei 2011
beeld: Ron Beenen
door: Tim Sprangers

Onderscheidend en succesvol ben je als jazzmuzikant door een eigen sound en in het oog lopende persoonlijkheid. Eric Vloeimans met zijn kekke broeken en zweverige trompetgevrij, Anton Goudsmits tijgergitaarband en de bekende (ook persoonlijke) bluesexplosies, Benjamin Hermans stijlvolle pakken en zijn dikke soullicks. Natuurlijk, het zijn uitmuntende instrumentalisten, maar hun (muzikale) karakters maken ze herkenbaar en opzichtig. En daardoor begerenswaardig. Daar zit een kern van waarheid in, waterdicht is het niet.


Jasper Blom Quartet presenteerde in het Bimhuis een spraakmakende identiteit en een goocheldoos vol spannende elementen.

Jasper Blom heeft weinig uitstraling, je kijkt niet naar hem om op straat. Ook zijn sound is niet om van te watertanden. Keurig, gestileerd, bedachtzaam, soms een uitschieter, maar karakteristiek? Misschien voor insiders. En toch staat het Jasper Blom Quartet als een huis en helemaal op zichzelf. Tijdens de presentatie van hun tweede cd ‘Dexterity’ blijkt weer eens dat deze band een van de leukste van Nederland is. Smaakvol, met een spraakmakende identiteit en een goocheldoos vol spannende elementen. Dat alles komt tezamen in een best toegankelijk geluid, terwijl de complexe stukken soms onnavolgbaar zijn.

De hoofdvakdocent op het Amsterdamse conservatorium schrijft uiteenlopende composities. Kenmerkend is de vaak puzzelachtige structuur. Duizend, achthoekige stukjes die op het podium op vanzelfsprekende wijze in elkaar vallen. De harmonie binnen Bloms stukken én spel is van wezenlijk belang en is verfijnd en doordacht. De opeenvolging van de akkoorden valt telkens op wonderlijk knappe wijze natuurlijk in elkaar. Daardoor ontstaat, of het nu funkrock, ‘disco’, of een ‘kampvuurliedje’ betreft, telkens een vertrouwde en verwante sfeer.


Foto midden: Jesse van Ruller, Martijn Vink, Jasper Blom, Frans van der Hoeven.

De keuze voor creatieve muzikanten speelt hierbij een belangrijke rol. Soli van Jesse van Ruller gooien alle timiditeit overboord. Lieve hemel, wat kan deze gitarist toch heerlijk uit de bocht vliegen zonder de vangrails ook maar te toucheren. Ook drummer Martijn Vink, met zijn vuige riffs en smerige ik-speel-vooral-niet-het-vanzelfsprekende-ritmespelletje vormt de rimpel op de effen huid. Juist zij geven het gezicht uitdrukking. Bassist Frans van der Hoeven imponeert vooral met smaakvolle en anticiperende begeleiding. Samen klinkt het heerlijk organisch.

Daarbij beschikt Blom stiekem toch over de nodige markante elementen. Zijn veelvuldig gebruik van analoge elektronica bijvoorbeeld, ze maken het bandgeluid een stuk dikker. Of de droge presentatie, zelfrelativerend en cynisch. Voor het Jasper Blom Quartet ga je graag naar de concertzaal.


© Jazzenzo 2010